3.3 Vitaal en sociaal

Doelenboom

 Doel
Subdoel Link
1. Jeugd groeit veilig op en ontwikkelt talenten

totale lasten (x 1.000 euro): 82.643,00
1.01 De jeugd is gezond en actief Indicatoren: 2
Aantal acties: 2
1.02 De jeugd groeit thuis op en doet dat in een veilige thuissituatie Indicatoren: 3
Aantal acties: 4
1.03 Kinderen hebben geen taalachterstand Indicatoren: 1
Aantal acties: 3
1.04 De jeugd heeft zo min mogelijk tweedelijns jeugdhulp nodig Indicatoren: 2
Aantal acties: 4
1.05 Kinderen groeien niet op in armoede Indicatoren: 1
Aantal acties: 1
1.06 De jeugd heeft een passende opleiding (bij de potentie van de jeugdige) Indicatoren: 1
Aantal acties: 2
1.07 De jeugd heeft een startkwalificatie Indicatoren: 1
Aantal acties: 1
2. Inwoners wonen langer zelfstandig

totale lasten (x 1.000 euro): 114.456,00
2.01 De inwoners zijn gezond en actief Indicatoren: 2
Aantal acties: 3
2.02 De inwoners hebben een sterk persoonlijk netwerk Indicatoren: 1
Aantal acties: 2
2.03 De inwoners hebben zo min mogelijk tweedelijns zorg nodig Indicatoren: 3
Aantal acties: 7
3. Inwoners zijn financieel zelfstandig

totale lasten (x 1.000 euro): 121.491,00
3.01 De huishoudens zijn niet afhankelijk van een bijstandsuitkering Indicatoren: 1
Aantal acties: 1
3.02 De huishoudens doen zo min mogelijk een beroep op inkomensondersteuning Indicatoren: 3
Aantal acties: 1
3.03 De inwoners met een laag inkomen zitten zo min mogelijk in een schuldhulpverleningstraject Indicatoren: 2
Aantal acties: 0
4. Inwoners participeren in de samenleving

totale lasten (x 1.000 euro): 86.980,00
4.01 De inwoners werken betaald naar vermogen Indicatoren: 1
Aantal acties: 3
4.02 De inwoners doen actief mee in de samenleving via vrijwilligerswerk, mantelzorg, lidmaatschap verenigingen e.d. Indicatoren: 3
Aantal acties: 4

Wat willen we bereiken?

Enschede wil een aantrekkelijke stad zijn waar je prettig op kunt groeien en waardig oud kunt worden. Waar mensen naar elkaar omkijken. Waarin mogelijkheden, talenten en eigen regie centraal staan, in plaats van problemen, beperkingen en overheidsbemoeienis. Waar je de ondersteuning krijgt die nodig is.
Onze belangrijkste opdracht (missie) is om de samenleving in staat te stellen om een zelfstandig en gelukkig leven te leiden. Onze overtuiging hierbij is dat:

-    inwoners het beste uit zichzelf willen halen en ertoe willen doen;

-    inwoners zelf regie willen houden en verantwoordelijk willen zijn;

-    de gemeente toevoegt waar inwoners en instellingen en bedrijven het (nog) niet kunnen;

-    gemeenschapsgeld aan de goede dingen wordt besteed;

-    de meeste mensen deugen, daarom controleren we ook;

-    we vertrouwen hebben in professionals;

-    Enschede inclusief is.

 

De sleutel om een gelukkig en zelfstandig leven te kunnen leiden, ligt in het hebben van perspectief, iets wat we in ons handelen als gemeente als uitgangspunt hanteren. We werken in Enschede aan een duurzaam, solide en betaalbaar sociaal stelsel, met als strategische opgave dat inwoners van Enschede naar vermogen kunnen deelnemen in een inclusieve samenleving.

 

De kern van dit stelsel is de menselijke maat, waarbij inwoners zelf aan zet zijn en de overheid achtervang is voor ondersteuning als mensen hun behoefte aan ondersteuning niet zelf en met hun omgeving kunnen invullen. We zorgen voor een goede kwaliteit, spreiding en bereikbaarheid van voorzieningen op alle voor inwoners belangrijke terreinen: onderwijs, werk, vrijetijd, zorg en ondersteuning, armoede, schuldhulpverlening, veiligheid en leefbaarheid.

 

Dat kan alleen binnen een houdbaar financieel stelsel.

 

We zullen met elkaar de zorg en ondersteuning anders vorm en inhoud moeten geven, om bovenstaande te bereiken. We noemen dit de transformatie in het Sociaal Domein.

De transformatieopgave is vertaald in drie leidende principes voor ons handelen:

  1. De bedoeling van ons handelen in het sociaal domein is inwoners te helpen duurzaam perspectief voor zichzelf te ontwikkelen en zo hun zelf- en samenredzaamheid vergroten. Daarbij stemmen we ons handelen af op de mate waarin inwoners hun eigen verantwoordelijkheid (kunnen) nemen. We zorgen ook dat misbruik en oneigenlijk gebruik niet loont.
  2. Waar onze ‘standaard instrumenten’ niet voldoen gaan we over op een aanpak op maat, waarbij we een bewuste afweging maken tussen de rechtmatigheid, de kosten en de eigen inzet van de inwoner. Dit betekent dat we bij aanpak op maat zoeken naar de ruimte binnen regelgeving en, waar die ruimte er niet is maar wel nodig, zoeken naar alternatieven om te doen wat nodig is.
  3. We werken vanuit de denk- en leefwereld van de inwoners. Om dit te bereiken bedenken we oplossingen samen met inwoners. En werken we samen: intern als één organisatie en extern met andere organisaties.

 

Dit alles is verwoord in de strategische opgave ‘Inclusieve samenleving’. Deze opgave is vertaald in een viertal doelen, die in de paragraaf ‘Wat gaan we doen?’ nader zijn beschreven, met daaraan gekoppeld de acties voor 2021. De transformatiedoelen lopen hier als satéprikkers doorheen:

  • Versterken samenleving en voorliggend veld: het toegankelijk maken van algemene voorzieningen
    Acties 2021: toegang ondersteuning & zorg; collectief arrangement dagbesteding en lichte ondersteuning; de uitvoering van het sport-, beweeg- en leefakkoord, de actualisatie van de sportnota, het plan voor clustering sportaccommodaties, het plan voor de speeltuinen; de doorontwikkeling van Nieuw Enschedees Welzijn, vrijwilligerswerk en mantelzorg;
  • Focus op jeugd en gezin: de jongere nog eerder in beeld krijgen, passende ondersteuning bieden en mogelijke generatieproblematiek kunnen doorbreken
    Acties 2021: kansrijke start; het arrangement zware problematiek 16 – 24-jarigen; de pilot OJA, VVE, de zomerschool, de LEA en de Twentse Belofte; de regionale agenda’s jeugdhulp en JBOV;
  • Preventie en vroegsignalering: eerder problemen bij onze inwoners herkennen en voorkomen
    Acties 2021: de aanpak van laaggeletterdheid en van kansengelijkheid
  • Duurzaam perspectief van de inwoner steeds meer centraal in ons handelen (leidende principes)
    Acties 2021: doorontwikkeling ondersteuning huishouden; de maatwerkroute; de uitvoering van de beleidskaders voor inkomensondersteuning, armoede & schulden, van de EAA en van Nieuw beschut; het plan voor crisisdienstverlening werkzoekenden; de aanpak tegengaan dakloosheid; de implementatie van de decentralisatie beschermd wonen en van de nieuwe Wet inburgering; aanpak mensenhandel en huiselijk geweld;
  • Kwaliteit integrale dienstverlening: samenwerkingsverbanden leggen over domeinen heen
    Acties 2021: sociale input in DIA; meer wonen, minder zorgen;
  • Versterken van de ketensamenwerking: steeds meer partners, betere doorverwijzing en soepel onderling overleg
    Acties 2021: de werkagenda Menzis, toezicht & handhaving bij de zorgaanbieders jeugdhulp en Wmo
  • Verbreden en verdiepen van kennis: als organisatie investeren in opleiding, kennisdeling en ontwikkeling van onze professionals
    Acties 2021: expertisecentrum specialistische jeugdhulp;
  • Betaalbaar en duurzaam stelsel: voldoende Rijksmiddelen voor de uitvoering van de wetten binnen het Sociaal Domein
    Acties 2021: lobby (zie kopje financiën).

Uiteraard voeren we in 2021 ook de projecten uit die de afgelopen jaren in gang zijn gezet, zoals de algemene voorzieningen Performance Factory, Leger des Heils & Humanitas onder Dak en Kracht van verenigingen, de actieprogramma’s Geweld hoort nergens thuis en Dak- en thuisloze jongeren, Woonstap en Banen in de zorg.

 

Coronacrisis

Daarbij moet worden opgemerkt dat we op dit moment de gevolgen van de coronacrisis niet goed kunnen inschatten. Zoals in de Coronanota 2020 al is aangegeven, leidt de crisis tot een economische recessie en heeft de crisis een grote maatschappelijke impact op met name kwetsbare groepen.

Dit betekent voor het sociaal domein dat de instroom in de bijstand waarschijnlijk zal stijgen en dat het beroep op inkomensondersteuning en schuldhulpverlening mogelijk zal toenemen. Beide ontwikkelingen kunnen leiden tot een opwaarts effect op de zorginzet. Daarnaast is tijdens de intelligente lockdown sprake geweest van uitgestelde zorg, waardoor de zorgvraag mogelijk zwaarder is geworden. Door de opgelopen wachttijden bij Raad voor kinderbescherming en GGZ neemt de druk op zowel inzet Wijkteams als inzet op tweedelijns voorzieningen toe. En dan moeten we nog afwachten of de tweede golf gaat toeslaan, de consequenties daarvan baren de experts landelijk veel zorg.

 

Financiën

Financieel gezien zijn we de laatste paar jaar uitgekomen met de in de begroting beschikbare middelen. Echter: de Rijksmiddelen zijn nog steeds niet in overeenstemming met de noodzakelijke uitgaven in het sociaal domein. De opgaven in het sociaal domein kunnen alleen in gezamenlijke verantwoordelijkheid tussen Rijk en gemeenten worden gerealiseerd, waarbij goede interbestuurlijke en gezonde financiële verhoudingen uitgangspunt zijn. We voeren hiervoor een lobby, veelal met onze partners of platforms (zoals de VNG, G40 en NDSD), in de samenwerking in Twente en in gelegenheidscoalities.

 

Leeswijzer

In dit hoofdstuk beschrijven we de door de Raad in 2019 vastgestelde doelen en effectindicatoren van het sociaal domein (met een toelichting op het streven) en de in 2021 voorgenomen acties. We sluiten af met een overzicht van de financiën.

Wat gaan we doen?

 
1. Jeugd groeit veilig op en ontwikkelt talenten

Iedere jeugdige groeit gezond en veilig op, kan zijn/haar talenten ontwikkelen en naar vermogen meedoen. Hij/zij groeit op in een gezin; speelt en neemt deel aan sport en cultuur; gaat naar school en behaalt diploma’s en een startkwalificatie en krijgt passende ondersteuning waar nodig. Zo krijgt hij/zij de kans een (sociaal-economisch) zelfredzame, sociaal vaardige en gezonde inwoner te worden die zoveel als mogelijk zelfstandig kan wonen en leven en een goed perspectief heeft op de arbeidsmarkt.

 
1.01 De jeugd is gezond en actief
Jeugdigen die gezond leven (eet- en beweeggedrag) zijn minder vaak ziek, kunnen zich beter concentreren en zitten lekkerder in hun vel. Via de jeugdgezondheidszorg (met de focus op preventie, vroegsignalering en lichte ondersteuning) en sport willen we een gezonde leefstijl bij de jeugd bevorderen.


Indicatoren 
Aantal indicatoren: 2


Een foutmarge is bij deze indicator niet van toepassing.

Toelichting
De beweegnorm staat voor de Nederlandse Norm Gezond Bewegen / Beweegrichtlijnen voor jeugd (4-17 jaar). Oftewel minstens elke dag een uur matig intensieve inspanning. Langer, vaker en/of intensiever bewegen. Bewegen is goed voor de gezondheid. Bij kinderen verlaagt bewegen eveneens het risico op depressieve symptomen, verbetert het de insulinegevoeligheid en botkwaliteit en verlaagt het bij kinderen met overgewicht en obesitas de BMI en vetmassa. Verder verbetert bewegen de fitheid en spierkracht.
Deze indicator is in 2018 voor het eerst uitgevraagd. Toen scoorde Enschede lager dan het landelijk gemiddelde, maar hoger dan het Twents gemiddelde. Het is moeilijk om een streefwaarde aan te geven, anders dan het verkleinen van het verschil met het landelijk gemiddelde.



Toelichting
De Body Mass Index (BMI) is een index voor het gewicht in verhouding tot lichaamslengte. Bij een waarde < 18,5 is sprake van ondergewicht, waarde 18,5-25: normaal gewicht, waarde >25: overgewicht en waarde >30: ernstig overgewicht (obesitas). De indicator geeft het percentage jeugd (0-17 jaar) met overgewicht en obesitas aan.
Enschede scoort niet alleen hoger dan het landelijk gemiddelde, maar ook hoger dan het Twents gemiddelde. De trend is gelijk aan het landelijk gemiddelde. Uit onderzoek blijkt bij bevolkingsgroepen met een lage sociaal-economische score (ses) vaker sprake is van overgewicht dat bij andere groepen. Enschede heeft relatief veel mensen met een lage ses. Streven is om bij kinderen in het basisonderwijs terug te gaan naar het percentage van 2015 en bij de jongeren in het voortgezet onderwijs naar het percentage van 2016.

Acties 2021
Aantal acties: 2

01. We stellen een nieuwe sportnota op.

In 2020 hebben we samen met de partners in de stad het sport-, beweeg- en leefstijlakkoord opgesteld. Dit is een set aan afspraken met sport- en beweegaanbieders, het maatschappelijk middenveld en zorgpartners. Dit akkoord vormt de inspiratie voor de nieuwe sportnota, waarin we ook een koppeling leggen met het beleid ten aanzien van gezondheid, spelen, voorliggende voorzieningen, accommodaties en openbare ruimte.
Deze actie draagt ook bij aan subdoel 2.01.

02. We benutten de maatschappelijke waarde van de speeltuinen.

We ondersteunen de Stichting Enschedese Speeltuinen (SES) bij het omzetten van zijn toekomstvisie in een actieplan. Daarbij wordt de maatschappelijke waarde van de individuele speeltuinen ingezet bij het aanbieden van algemene voorzieningen voor de wijkbewoners. En wordt de toekomstbestendigheid van de speeltuinen verbeterd. De ondersteuning bestaat onder andere uit de bekostiging van de inzet van een projectmedewerker.

Bijdrage verbonden partij: Regio Twente - GGD en OZJT

Maatschappelijk rendement:
Regio Twente is een samenwerkingsverband van de veertien Twentse gemeenten. Het voert taken uit op het gebied van volksgezondheid, jeugdhulp & maatschappelijke ondersteuning, economische zaken, recreatie en toerisme en vrijetijdseconomie. Volksgezondheid en jeugdhulp & maatschappelijke ondersteuning  wordt gedaan door de onderdelen GGD, OZJT en Veilig Thuis Twente (VTT).

GGD voert taken uit in het kader van de Wet Publieke gezondheid, zoals jeugdgezondheidszorg (consultatiebureau, opvoedondersteuning, rijksvaccinatieprogramma, inspecties kinderopvang), voorkomen en beheersen van infectieziekten, geven van reisadvies en inentingen, voorlichting over gezondheid en verzorgen van medisch spreekuur dak- en thuislozen. 

OZJT regelt de inkoop van tweedelijns jeugdhulp en Wmo –maatwerk voor de regio Twente en voert het contractmanagement voor de gesloten contracten met zorgaanbieders en doet dit voor die onderdelen waar we verplicht regionaal op moeten samenwerken.

VTT voert de wettelijke taak uit van advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling.

.
1.02 De jeugd groeit thuis op en doet dat in een veilige thuissituatie
Jeugd heeft een goede opvoeding en een stabiele en veilige omgeving nodig om zich goed te kunnen ontwikkelen. Het liefst door en bij de ouder(s).

Indicatoren 
Aantal indicatoren: 3


Toelichting
De kinderrechter kan jeugdigen onder toezicht stellen wanneer zij opgroeien in een situatie waarin hun welzijn of gezondheid bedreigd wordt. Het gezin krijgt te maken met een gezinsvoogd en krijgt hulp aangeboden. Ouders blijven zo veel mogelijk zelf verantwoordelijk voor de opvoeding en verzorging van hun kinderen. De hulp is vooral gericht op het vergroten van de mogelijkheden van ouders om deze verantwoordelijkheid te dragen. De hulp kan ook gericht zijn op het vergroten van de zelfstandigheid van een jeugdige. De indicator betreft jeugdigen van 0 t/m 17 jaar.
De regio Twente heeft in verhouding een hoger aantal jeugdigen met een ondertoezichtstelling (OTS) dan landelijk. Landelijk blijft dit aantal stabiel. We streven om de realisatie van het percentage jeugdigen met een OTS te stabiliseren en vervolgens om te buigen naar een percentage onder het landelijk gemiddelde. Dit willen we bereiken door middel van verdere samenwerking met onder andere de raad voor de kinderbescherming, gecertificeerde instellingen, uitvoerders van jeugdbeschermingsmaatregelen, ouders en de jeugdige aan de ‘jeugdbeschermingstafels’. Door deze samenwerking is het mogelijk dat een maatregel eerder kan worden afgesloten, omdat de veiligheid van de jeugdige eerder en beter geborgen is.




Toelichting
Pleegzorg is zorg voor jeugdigen die door omstandigheden niet thuis kunnen wonen. Het is een vorm van hulp waarbij een jeugdige tijdelijk in een ander gezin gaat wonen. Zeven dagen per week of af en toe een weekend of vakantie. Sinds 2018 hebben gemeenten ook de plicht om pleegzorg aan te bieden na de leeftijd van 17 jaar. Deze groep maakt geen onderdeel uit van de indicator om een vergelijkbare trendlijn van 2016 t/m 2022 mogelijk te maken.
We willen dat zo min mogelijk jeugdigen uit huis worden geplaatst. Jeugdigen die toch uit huis worden geplaatst, willen we graag opvangen in de pleegzorg of een gezinshuis in plaats van in een instelling. De landelijke trend is dat er meer jeugdigen in een pleeggezin worden opgenomen dan in een instelling. Het streven gaat uit van het volgen van deze trend.




Toelichting
Kindermishandeling is elke vorm van mishandeling die voor een kind bedreigend of gewelddadig is. Dus niet alleen lichamelijk geweld, maar ook bijvoorbeeld emotionele mishandeling of verwaarlozing vallen eronder. Veilig Thuis Twente (VTT) is het advies- & meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling in Twente. VTT is verantwoordelijk voor het herstel van de directe veiligheid van betrokkenen en voor het doorgeleiden naar adequate hulp. De indicator betreft jeugd van 0 t/m 17 jaar.
Door betere signalering en registratie stijgt het aantal meldingen van kindermishandeling in de nabije toekomst. We streven naar een afname en vervolgens stabilisatie. Aangezien de coronacrisis mogelijk een effect heeft op het aantal kindermishandelingen, ambiëren wij voor 2024 geen afwijkende streefwaarde.

Acties 2021
Aantal acties: 4

01. We doen mee aan het landelijk actieprogramma 'Kansrijke start'

In 2020 is, op basis van onderzoek van het Erasmus MC ‘Healthy Pregnancy 4All’ (HP4All), een transitieagenda opgesteld met een analyse van de huidige lokale aanpak rondom het thema Kansrijke Start. Daarnaast bevat het een toekomstbeeld van onze gezamenlijke ambities op dit vlak (zowel vanuit het medische als het sociale domein). In 2021 werken we, samen met de lokale coalitie, verder aan het omzetten van deze agenda in concrete acties en coalities en de uitvoering daarvan.
Dit is een versnellingsproject in het kader van de Transformatieagenda sociaal domein.

02. We voeren de regionale transformatieagenda 'Jeugd' uit.

De agenda bestaat uit drie ontwikkeltafels.
Ontwikkeltafel 1 voert in 2021 de volgende acties uit:
- ontwikkelen en opleveren van een handreiking regie: een set aan afspraken over hoe er wordt samengewerkt als er meerdere partijen betrokken zijn bij een gezin. Dit zorgt bij de gezinnen voor rust, continuïteit en duidelijkheid;
- starten van een pilot specialistisch wonen voor jongeren met complexe (lvb-)problematiek;
- ontwikkelen van laagdrempelige interventies om de veerkracht van kinderen ten aanzien van complexe echtscheidingsproblematiek te verbeteren.
Ontwikkeltafel 2 richt zich in 2021 op het implementeren van de regionale werkwijze voor de jeugdbeschermingstafel, het onderzoeken of er verbeteringen mogelijk zijn in de aansluiting op de jeugdstrafrechtketen en het optimaliseren van de triage van complexe echtscheidingssituaties.
Bij ontwikkeltafel 3  wordt in 2021 verdergegaan met de pilot  interprofessionele teams op  scholen (verbinding onderwijs -jeugdhulp), gericht om de ondersteuning aan kinderen te verbeteren.

03. We voeren de verbeteragenda JBOV uit.

Naar aanleiding van het inspectierapport “Kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd” zijn er in het land verbeteragenda’s opgesteld voor Gecertificeerde Instellingen. In Twente is samen met de regio IJsselland een verbeteragenda voor JBOV (Jeugdbescherming Overijssel) opgesteld. In 2021 geven we uitvoering aan deze agenda, samen met ketenpartners uit de jeugdbeschermingsketen. Als het Ministerie van Justitie & Veiligheid de subsidieaanvraag honoreert, stellen we onder andere een strategische HR- agenda op voor het werven en behouden van personeel.

04. We bieden hulp en begeleiding aan slachtoffers van huiselijk geweld, loverboys, mensenhandel en prostitutie.

We geven uitvoering aan de regionale invulling van het Landelijk Actieprogramma 'Geweld hoort nergens thuis'.
In 2021 wordt het Kenniscentrum Mensenhandel Twente operationeel binnen het zorg- en veiligheidsdomein in Twente en zijn we voornemens om  dit regionale centrum te borgen in het Zorg- en Veiligheidshuis Twente.
We voeren de Regiovisie Mensenhandel uit, die in 2020 is vastgesteld.
We starten met het regionaal uitstapprogramma prostitutie. Hierin begeleiden we prostituees die willen stoppen met hun beroep.

.
1.03 Kinderen hebben geen taalachterstand
Een goede taalontwikkeling is essentieel voor een kansrijke toekomst van kinderen. We willen alle kinderen hierin gelijke kansen bieden. Het grootste effect bereiken we door vooral vroegtijdig, bij kinderen op jonge leeftijd, te investeren.

Indicatoren 
Aantal indicatoren: 1


Toelichting
Jaarlijks worden in het primair onderwijs mediotoetsen van het CITO LOVS (waaronder Begrijpend Lezen) afgenomen, waardoor we inzicht verkrijgen in de stedelijke taal- en rekenprestaties van basisschoolleerlingen. Bij deze indicator zoomen we in op de leerlingen in groep 7. Het vaststellen van de vaardigheidsscores berust op percentielen: vijf gelijke groepen van elk 20%. Als de score van categorie 5 lager is dan 20% is dat een indicatie dat de score in Enschede gelijk of beter is dan het landelijk gemiddelde.
Bij de streefwaarden sluiten we aan bij de trend van de afgelopen periode: voor 2017 hoger dan landelijk (2014 24%, 2016 21%) en in 2017 zelfs onder het landelijk gemiddelde. In 2018 is een nieuwe toetsmethodiek ingevoerd. De score in 2019 (schooljaar 2018/2019) ligt iets hoger dan de streefwaarde. Dit onderwerp is in de gesprekken met de schoolbesturen ook aan de orde gesteld. Een nadere analyse en mogelijke verklaring is (nog) niet voorhanden.

Acties 2021
Aantal acties: 3

01. We ontwikkelen Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) verder door.

In het kader van de VVE investeren we in kwalitatief hoogwaardige voorschoolse educatie en een ruim aanbod. We stimuleren de deelname aan voorschoolse educatie en versterken de integrale aanpak door meer integrale samenwerking met welzijnspartners en bibliotheek. We breiden de inzet van pedagogisch medewerkers in de groepen 1 en 2 van basisscholen uit.

02. We faciliteren de organisatie van tenminste vier zomerscholen in Enschede.

Zomerscholen zijn bedoeld om het wegzakken van kennis bij leerlingen tijdens de zomervakantie te voorkomen.

03. We geven uitvoering aan het Uitvoeringsplan Laaggeletterdheid

Een grote groep Nederlanders kan slecht lezen en schrijven. Dat belemmert hen om goed mee te kunnen doen in de maatschappij. Zowel degenen die in de praktijk problemen van laaggeletterdheid ervaren, als de hele Enschedese samenleving, zijn gebaat bij een structurele aanpak van de laaggeletterdheid in Enschede. In 2020 heeft de gemeenteraad een uitvoeringsplan voor het tegengaan van laaggeletterdheid vastgesteld. In 2021 voeren we dit plan uit.
Deze actie draagt ook bij aan de subdoelen 1.06, 1.07, 3.02, 3.03, 4.01 en 4.02.

.
1.04 De jeugd heeft zo min mogelijk tweedelijns jeugdhulp nodig
Primair wordt ingezet op het oplossen van problemen op eigen kracht en/of binnen hun eigen sociale omgeving (het gezin, de buurt, de vereniging, kinderopvang en school). We zetten daarbij in op preventie en op collectieve, algemene voorzieningen dichtbij huis of school. Alleen waar het echt niet anders kan, wordt tweedelijns jeugdhulp ingezet.


Indicatoren 
Aantal indicatoren: 2


Toelichting
Tweedelijns Jeugdhulp is hulp voor jeugd van 0 t/m 17 jaar van een (specialistische) hulpverlener waarvoor je een verwijzing nodig hebt. Naast de gemeente kan ook de huisarts, jeugdarts, medisch specialist of een gecertificeerde instelling een verwijzing afgeven.
Het beleid is gericht op een stijging van het percentage jeugd met eerstelijns Jeugdhulp, gekoppeld aan een verlaging van het percentage jeugd met tweedelijns Jeugdhulp. We zetten namelijk in op meer algemene voorzieningen om allereerst de inzet van het aantal tweedelijns Jeugdhulp te stabiliseren en daarna een verdere afname te realiseren. Vanwege de coronacrisis zal de inzet van het aantal tweedelijns Jeugdhulp afvlakken doordat minder cliënten zich hebben gemeld. Echter verwachten wij dat de uitgestelde zorg later ingehaald wordt, waardoor de inzet van het aantal tweedelijns Jeugdhulp toeneemt in 2021. Op langere termijn streven wij echter naar een afname van het percentage jeugd met tweedelijns Jeugdhulp.



Toelichting
Eerstelijns Jeugdhulp is Jeugdhulp (0-17 jaar) waarvan iedereen zonder verwijzing gebruik kan maken. De indicator richt zich op de hulp die een wijkcoach geeft. Naast preventie en ondersteuning biedt de wijkcoach ook lichte hulp naast of in plaats van gespecialiseerde tweedelijns- Jeugdhulp.
Het beleid is gericht op een stijging van het percentage jeugd met eerstelijns Jeugdhulp, gekoppeld aan een verlaging van het percentage jeugd met tweedelijns Jeugdhulp. In 2021 blijft het streven dat we door middel van de inzet van bestaande en nieuw te ontwikkelen voorliggende voorzieningen, de verschuiving van tweede naar eerstelijns ondersteuning willen realiseren. De verwachting is dat de coronacrisis effect heeft op het aantal aanmeldingen in de wijkteams in 2021. Hoe dit precies verloopt is onduidelijk. We verwachten dat het percentage jeugd met eerstelijns Jeugdhulp in een later stadium verder stijgt door de reeds ingezette verbetering en verdere optimalisatie van de registraties van eerstelijns Jeugdhulp door de wijkteams.

Acties 2021
Aantal acties: 4

01. We organiseren de toegang tot de zorg en ondersteuning anders.

In de zoektocht naar de juiste balans tussen ‘er zijn voor de mensen die ondersteuning nodig hebben’ en ‘meer aanspraak doen op de kracht mensen zelf en van wijken en de stad’ speelt de wijze waarop de toegang tot zorg en ondersteuning (Jeugdhulp en Wmo) is georganiseerd een belangrijke rol. We willen de toegang anders inrichten: meer ondersteuningsvragen naar het voorliggend veld en algemene voorzieningen en minder naar de tweedelijns zorg. Doel is dat inwoners makkelijker en sneller informatie en advies krijgen waardoor ze zelf aan de slag kunnen met hun vraag. Uit onderzoek blijkt dat de basis voor de wijkwijzers goed staat en dat biedt kansen. In 2020 hebben we samen met de partners de basis op orde gebracht (de dienstverlening - digitaal, telefonisch en fysiek - en de kwaliteit van advies en informatie). In 2021 werken we de keuze van de raad over de toekomst van de toegang nader uit en gaan we over tot implementatie.
Deze actie draagt ook bij aan subdoel 2.03. Dit is een versnellingsproject in het kader van de Transformatieagenda Sociaal domein.

02. We voeren de pilot Onderwijs-Jeugdhulp-Arrangement (OJA) uit

In september 2018 is de pilot OJA gestart voor de duur van drie schooljaren. Zes scholen, twee jeugdhulpaanbieders en de gemeente hebben een innovatieve, gezamenlijke aanpak, waarmee zij de ondersteuning en hulp in nabijheid van het kind en de opvoeders brengen. Met de pilot is ten opzichte van de kosten voor jeugdhulp in 2016 voor de betreffende doelgroep een besparing opgenomen van 2,1% in 2018 oplopend tot 11% in 2021. Aan de hand van het monitoringsysteem volgen we de effecten van OJA, kan evaluatie en bijsturing plaatsvinden en kunnen we invulling geven op welke wijze op termijn de OJA uitgebreid kan worden.

03. We richten een expertisecentrum specialistische jeugdhulp Overijssel in.

Deze opdracht is neergelegd bij het OZJT. Dit centrum is per 1 april 2021 operationeel. Taken zijn:
a. passende hulp organiseren voor jeugdigen met de meest complexe problematiek in Overijssel,
b. consultatie en advies organiseren
c. organiseren van leren en verbeteren op complexe jeugdproblematiek.

04. We zetten in op toezicht en handhaving bij de aanbieders in de jeugdhulp en de Wmo.

Toezicht en handhaving op zorg en ondersteuning behoort tot het reguliere werk. We pakken malafide aanbieders aan, zodat cliënten de zorg krijgen (kwalitatief en kwantitatief) die zij toegewezen hebben gekregen. Mede omdat er de afgelopen periode herhaaldelijk berichten zijn verschenen dat er door sommige aanbieders mogelijk oneigenlijk gebrulk wordt gemaakt van zorggelden met hoge bedrijfswinsten tot gevolg, starten we een onderzoek artikel 213a naar de effectiviteit van onze aanpak.op handhaving in de zorg Wmo en Jeugdhulp. Zie daarvoor hoofdstuk 4.8.
Deze actie draagt ook bij aan subdoel 2.03.

.
1.05 Kinderen groeien niet op in armoede
Alle jeugd moet kunnen meedoen, ook jeugdigen die opgroeien in een gezin met een laag inkomen. Sport, schoolreisjes, muziek – het hoort bij de vorming en opvoeding van iedere jeugdige. Nu investeren in het kunnen meedoen van jeugd voorkomt problemen op latere leeftijd. Met de inzet van het Kindpakket bevorderen we de participatie van jeugdigen. Het Kindpakket maakt onderdeel uit van het brede palet aan inkomensondersteunende voorzieningen van de gemeente Enschede.


Indicatoren 
Aantal indicatoren: 1


Toelichting
De Stichting Leergeld Enschede zet zich -naast andere partijen- in om te voorkomen dat kinderen die in armoede leven in een sociaal isolement terechtkomen. Voorbeelden van ondersteuning zijn het betalen van de kosten van schoolreisjes, ouderbijdragen, lidmaatschap van sportclubs, zwemlessen, dansles en kleding voor sport en fietsen. Vanuit het Kindpakket ontvangt zij hiervoor gemeentelijke subsidie. Deze indicator geeft het percentage kinderen in de leeftijd 4 t/m 18 jaar weer, waarvan de ouders een inkomen hebben van maximaal 120% van de bijstandsnorm (circa 4.450 kinderen) en een aanvraag door Stichting Leergeld is gehonoreerd. De aantallen zijn inclusief de gehonoreerde aanvragen op basis van het Jeugdcultuurfonds en het Jeugdsportfonds.
De streefwaarden van het percentage kinderen dat gebruik maakt van de Stichting Leergeld Enschede zijn bijgesteld. De Stichting Leergeld realiseert jaarlijks een dusdanige groei in haar bereik dat de eerder afgesproken streefcijfers al meer dan behaald zijn. Daarnaast is een wijziging doorgevoerd in de berekeningssystematiek. Het aantal kinderen in de leeftijd 4 t/m 18 jaar waarvan de ouders een inkomen hebben van maximaal 120% van de bijstandsnorm komt nu meer overeen met de werkelijkheid (zoals berekend door KWIZ). Om voornoemde redenen zijn de oorspronkelijke streefwaarden niet meer realistisch. We streven nu naar een bereik van 75% in 2024 (niet als bovengrens, maar dit percentage lijkt voor nu het meest realistisch). Het is vooralsnog onduidelijk welk effect de coronacrisis precies heeft op de aanvragen en het bereik van Stichting Leergeld Enschede, daarom zijn met deze eventuele effecten op dit moment nog geen rekening gehouden.



Acties 2021
Aantal acties: 1

01. We voeren het beleidskader 'Rondkomen met je inkomen 'uit, waarin ook nadrukkelijk aandacht is voor kinderen en jongeren.

In 2020 wordt het beleidskader 'Rondkomen met je inkomen' ter vaststelling voorgelegd aan de Raad. In dit kader is als een van de hoofddoelen opgenomen het toekomstperspectief van kinderen en jongeren te verbeteren voor gelijkere kansen. Dit doen we door het staand beleid te versterken, het bereik te vergroten en door het Kindpakket uit te breiden.

.
1.06 De jeugd heeft een passende opleiding (bij de potentie van de jeugdige)
Het is belangrijk dat jongeren een goede keuze weten te maken als het gaat om een opleiding. Niet alleen moet een opleiding aansluiten bij hun talenten, maar er moet uiteindelijk ook een passende baan mee te vinden zijn.

Indicatoren 
Aantal indicatoren: 1


Toelichting
In groep 8 van het basisonderwijs krijgen de leerlingen een advies voor de vervolgopleiding op het voortgezet onderwijs (VO: vwo, havo, vmbo, praktijkonderwijs). Jaarlijks (per schooljaar) wordt door onderzoeksbureau Babeliowski in opdracht van de gemeente Enschede nagegaan in hoeverre deze leerlingen in klas 3 van het VO het schooltype volgen dat ze is geadviseerd in groep 8. Per schooladvies is aangegeven naar welk schooltype leerlingen in klas 3 zijn doorgestroomd. Er zijn dan drie mogelijkheden:
- de leerling zit in het schooltype dat hem/haar is geadviseerd: doorstroom
- de leerling zit in een hoger schooltype dan geadviseerd: opstroom
- de leerling zit in een lager schooltype dan hem/haar is geadviseerd: afstroom.
De indicator geeft de doorstroom weer.
De behaalde onderwijspositie in het derde leerjaar VO in Enschede laat zien dat de advisering in groep 8 en de doorstroom in de eerste twee leerjaren van het VO op het niveau van het landelijk gemiddelde is. Hier hebben de gezamenlijke onderwijspartners in Enschede de laatste jaren meer aandacht aan besteed en de effecten daarvan zien we terug.

Acties 2021
Aantal acties: 2

01. We geven uitvoering aan de Strategie Kansengelijkheid.

Naar aanleiding van de motie 'Trendbreuk Kansengelijkheid' heeft de Raad in 2020 de Strategie Kansengelijkheid vastgesteld. De thema's zijn daarin onderwijs, armoedebeleid en gezond opgroeien.
In 2021 starten we met het uitvoeren van deze strategie.
Deze actie draagt ook bij aan de subdoelen 1.02, 1.03, 1.07 en 3.02.

02. We voeren de Lokaal Educatieve Agenda 2019-2022 (LEA) uit.

De LEA is vastgesteld in juni 2019. Tot en met 2022 geven we gezamenlijk met het onderwijs invulling aan de ambities (A) “Klaar voor de samenleving”, (B) “Goed voorbereid op werk” en (C) “Gelijke kansen voor alle jeugdigen”. Dit betekent onder meer dat:

  • Ad A. we de maatschappelijke stages en het Jongerenberaad ondersteunen;
  • Ad B. we initiatieven ondersteunen op het gebied van Creatieve Technologie, Vakmanschap, Makerschap en Duits;
  • Ad C. we onder andere de onderwijsvouchers voortzetten en we de Voorschoolse Educatie uitbreiden (zie subdoel 1.03 actie 01). 

Vanuit een gezamenlijke evaluatie van de pilot OJA (zie subdoel 1.04 actie 02) zetten we bovendien verder in op bewezen preventieve maatregelen en werkwijzen.

.
1.07 De jeugd heeft een startkwalificatie
Het hebben van een startkwalificatie is belangrijk voor een goede start in het arbeidzame leven. Jeugd zonder diploma loopt een verhoogd risico op maatschappelijke uitval. Een startkwalificatie is het minimale onderwijsniveau dat nodig is om serieus kans te maken op duurzaam geschoold werk. Het gaat dan om een of MBO-(niveau 2, 3 of 4), Havo- of VWO-diploma.

Indicatoren 
Aantal indicatoren: 1


Toelichting
MBO 2 en hoger biedt een zogenaamde 'startkwalificatie' voor de arbeidsmarkt. Jeugd met opleidingsniveau MBO 2 en lager zijn nu oververtegenwoordigd in ons bijstandsbestand.
Nu de score van 2019 vrijwel gelijk is aan die van 2018 én bijna 10% hoger dan de scores 2015 tot en met 2017, kunnen we voorzichtig concluderen dat het erop lijkt dat het gemiddelde opleidingsniveau van de beroepsbevolking een lichte stijging vertoont. De oorzaak is op dit moment niet te duiden, daarvoor zijn er teveel parameters van invloed op deze indicator.

Acties 2021
Aantal acties: 1

01. We geven uitvoering aan het regionaal programma De Twentse Belofte 2020-2024.

a. We ontwikkelen een regionale aanpak voor thuiszitters en voeren deze uit.
b. We stellen een lokaal plan van aanpak op voor de jongeren die zonder startkwalificatie: van school gaan (belofte 3), aan het werk zijn (belofte 4) of bij wie school of werk al langer dan een jaar niet lukt (belofte 5). En we voeren dit plan van aanpak uit.

.
2. Inwoners wonen langer zelfstandig

Zelfredzaamheid betekent dat je zelf bepaalt hoe je je leven wilt inrichten: hoe je wilt wonen, leren, werken, recreëren, je kinderen wilt opvoeden of je van a naar b wilt verplaatsen. Het is goed als mensen daar de ruimte voor krijgen en daar in eerste instantie ook zelf verantwoordelijk voor zijn. Als mensen daar alleen of met hulp van buren, vrienden en familie niet in slagen, kan de overheid ondersteunen. Het liefst op zo’n manier dat mensen ook dan zelf hun hulp kunnen organiseren en zeggenschap behouden. De ambitie is te investeren in tijdige, lichte ondersteuning en preventie, om daarmee onnodig zware zorg te kunnen voorkomen. Normaliseren in plaats van medicaliseren en ondersteuning dichtbij de leefwereld van de inwoner.

 
2.01 De inwoners zijn gezond en actief
Mensen die voldoende bewegen en gezond eten voelen zich prettiger, zijn in staat zich aan te passen aan en zelf de regie te voeren over de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen van het leven. We willen dat zoveel mogelijk Enschedeërs een gezonde leefstijl hebben en zetten in op het preventief bevorderen van de gezondheid en meer (sportief) bewegen.

Indicatoren 
Aantal indicatoren: 2


Toelichting
De beweegnorm staat voor de Nederlandse Norm Gezond Bewegen / Beweegrichtlijnen voor volwassenen (19 jaar en ouder). Oftewel minstens 150 minuten per week aan matig intensieve inspanning, zoals wandelen en fietsen, verspreid over diverse dagen. Langer, vaker en/of intensiever bewegen. Bewegen is goed voor de gezondheid. Bij volwassenen en ouderen verlaagt bewegen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes en depressieve symptomen. Verder hangt veel bewegen samen met een lager risico op borst- en darmkanker en vroegtijdig overlijden. Bij ouderen verlaagt bewegen het risico op botbreuken en verbetert het de spierkracht en de loopsnelheid. Ook hangt veel bewegen bij deze groep samen met een lager risico op lichamelijke beperkingen, cognitieve achteruitgang en dementie.
Deze indicator wordt vierjaarlijks gemeten, het percentage was in Enschede in 2016 hoger dan in Nederland. Streven is minimaal het landelijk gemiddelde, inzet is het niveau 2016 te handhaven.



Toelichting
De Body Mass Index (BMI) is een index voor het gewicht in verhouding tot lichaamslengte. Bij een waarde < 18,5 is sprake van ondergewicht, bij waarde 18,5-25: normaal gewicht, bij waarde >25: overgewicht en bij waarde >30: ernstig overgewicht (obesitas). Deze indicator geeft het percentage inwoners met overgewicht en obesitas aan.
De score in Enschede was in het afgelopen decennium stabiel, net iets hoger dan het landelijk gemiddelde, maar iets lager dan het Twents gemiddelde. Uit onderzoek blijkt bij bevolkingsgroepen met een lage sociaal-economische score (ses) vaker sprake is van overgewicht dat bij andere groepen. Enschede heeft relatief veel mensen met een lage ses. Bij het streven richten we ons met name op de groep met ernstig overgewicht. Het percentage bij deze groep is in 2019 afgenomen naar 11%, gelijktijdig is de groep met overgewicht toegenomen (de instroom vanuit de groep met ernstig overgewicht was groter dan de uitstroom naar de groep met gezond gewicht). Per saldo is er sprake van een lichte afname. Streven is deze dalende lijn voort te zetten.

Acties 2021
Aantal acties: 3

01. We voeren het lokaal sport-, beweeg- en leefstijlakkoord uit.

In 2019 heeft het Rijk het 'Nationaal Preventie-akkoord: naar een gezonder Nederland' vastgesteld. Hierin staan de thema's roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik centraal. In Enschede hebben we de landelijke uitgangspunten vertaald naar een lokaal Sport-, Beweeg- en Leefstijlakkoord. In 2021 werken we aan uitvoering van dit akkoord.
Deze actie draagt ook bij aan subdoel 1.01.

02. We zetten de buitensportaccommodaties effectiever en breder in.

In 2020 is een integraal accommodatieplan opgesteld voor een efficiënte en kwalitatief passende clustering van sportaccommodaties. In 2020 zijn we gestart we met het uitwerken en het voorbereiden van de besluitvorming, de afronding hiervan vindt plaats bijde zomernota 2021. Daarbij gaat het om het beter benutten van de sportvelden, onder andere door verenigingen te verhuizen, accommodaties multifunctioneel inzetbaar te maken en het daarbij afstoten van slecht bezette accommodaties. Deze operatie gaat gepaard met een taakstelling, maar deze kan alleen worden gerealiseerd als er eerst wordt geïnvesteerd.
Daarnaast voeren we het Plan van aanpak  ‘Toekomst kunstgras voetbalvelden in Enschede’ uit, waarbij om redenen van volksgezondheid, milieu en verduurzaming ervoor is gekozen om de huidige SBR-infill te vervangen voor natuurgrasvelden en wanneer dit niet mogelijk is in verband met capaciteit en bespeelbaarheid voor een zo milieuvriendelijk mogelijke variant van kunstgras. Bij hogere kosten maken we de afweging of de vervanging te temporiseren (dus de vervanging over een langere periode uit te voeren) of extra te investeren.
Tevens ontwikkelt de Sportcampus Diekman zich gestaag door: de deelprojecten clustering breedtesport op Diekman Oost & invulling accommodatie Zuid Eschmarke, talentcampus & huisvesting en onderwijshuisvesting primair onderwijs i.c.m. een multifunctionaal sportaccommodatie zijn opgestart en worden in 2021 verder uitgevoerd. De ASM Skillsgarden wordt in samenwerking met provincie Overijssel verder vormgegeven, waarbij de campus opleidingsplek voor Oost Nederland is voor de Athletics Skills Model (ASM) Academy. En met FC Twente is overleg gaande over in welke vorm FC Twente verbonden blijft aan de sportcampus. Veel externe partijen willen aanhaken en er is potentieel voor investeerders. We hebben hierbij een faciliterende en stimulerende rol.

03. We realiseren een nieuwe zwemvoorziening in het Diekmangebied.

Op basis van keuze van het scenario voor een nieuwe zwemvoorziening in Enschede, die de Raad in 2020 maakt, starten we samen met Sportaal in 2021 in samenwerking met de stakeholders met de voorbereiding van de realisatie ervan.

Bijdrage verbonden partij: Sportaal

Maatschappelijk rendement:
Sportaal heeft de taak om uitvoering te geven aan de ambities uit het vastgestelde sportbeleid. Zo wordt ingezet op het bevorderen van een gezonde leefstijl, het uitbouwen van de maatschappelijke functie van sport, het ontdekken en ontwikkelen van talenten en het versterken van de verenigingskracht.
Dat gebeurt onder andere door sportactiviteiten te organiseren, voor veilige en schone sportaccommodaties te zorgen en sporten voor iedereen bereikbaar te maken. Hiermee draagt Sportaal bij aan de doelstellingen binnen het begrotingsprogramma Vitaal en Sociaal. Door middel van een overeenkomst, opdracht en indicatoren zijn de afspraken met Sportaal vastgelegd en verstrekken we aan hen een exploitatiebijdrage.

.
2.02 De inwoners hebben een sterk persoonlijk netwerk
Het hebben van een sociaal netwerk is belangrijk voor inwoners die ouder worden en/of die zorg nodig hebben om zelfstandig te kunnen blijven wonen. Daarbij gaat het om familie, vrienden, kennissen, buren, collega’s, maar ook om sociale contacten bij de club, de kerk enzovoort.

Indicatoren 
Aantal indicatoren: 1


Toelichting
Sociale steun staat voor de mate waarin mensen kunnen terugvallen op vanzelfsprekende verbanden, zoals familierelaties, vrienden/kennissen en relaties in de buurt.
Deze indicator is in 2019 voor het eerst uitgevraagd. Streven is het landelijk gemiddelde, waaraan Enschede in 2019 bij familie en vrienden/kennissen nagenoeg gelijk aan is, maar bij mensen in de buurt achterblijft.

Acties 2021
Aantal acties: 2

01. We verstevigen de inzet van het sociaal domein in DIA om de zorgvraag in de toekomst te verkleinen.

De Dynamische Investeringsagenda (DIA) is een samenwerkingsinstrument waarmee kansen en investeringen in het kader van wijkaanpak van verschillende partijen in een gebied worden gekoppeld en op elkaar worden afgestemd. Dit is niet alleen een fysieke, maar ook een sociale opgave. De omgeving waarin mensen wonen en leven bepaalt immers voor een groot deel de sociale context. Naast het bundelen van belangen en investeringen van partijen uit het fysieke domein is daarom van belang om ook partijen uit het sociaal domein tot onderdeel van de samenwerking te maken. Dit gaat niet vanzelf en vergt extra inzet. Doel van de actie is om kansen te signaleren en pakken die zich in de DIA-gebieden (De Posten en Twekkelerveld) voordoen. Daarvoor is extra inzet in de DIA-gebieden nodig om vanuit praktische kennis/ervaring vanuit de gebieden de vertaling te maken naar onder andere: voorliggende voorzieningen in de gebieden, de monitoring van de effecten en input voor een toekomstig Huis van de Wijk in Twekkelerveld.
Dit is een versnellingsproject in het kader van de Transformatieagenda Sociaal domein.

02. We ontwikkelen Nieuw Enschedees Welzijn door.

In 2018 zijn we van start gegaan met Nieuw Enschedees Welzijn (NEW). Daarin werken we met een bredere, integrale wijkwelzijnsopdracht en een hoofdaannemer en/of samenwerkingsverband per stadsdeel (flexibiliseren welzijn). In 2020 starten we in samenwerking met Stadsdeelmanagement met de evaluatie hiervan, actualiseren we het beleid en besluiten we tot verlenging van de huidige contracten of een nieuwe aanbesteding.
Het gemeentelijk sociaal beleid is gericht op inclusie en daarmee ook op het tegengaan van eenzaamheid. Zo dragen armoedebeleid, toeleiding naar (vrijwilligers)werk, Wmo-ondersteuning, welzijn en jeugdbeleid allemaal bij aan meedoen in de samenleving en daarmee aan het bestrijden van eenzaamheid. In alle stadsdelen in Enschede zijn er activiteiten en algemene voorzieningen die bijdragen aan ontmoeting en het verminderen van sociaal isolement. Eén van de instrumenten die bijdraagt aan meer inclusiviteit is het bieden van ondersteuning door middel van algemene voorzieningen. In de aanpak van eenzaamheid zoeken we binnen de gemeente zoveel mogelijk naar aansluiting bij bestaand beleid en lopende projecten.

.
2.03 De inwoners hebben zo min mogelijk tweedelijns zorg nodig
Primair wordt ingezet op het oplossen van problemen van een inwoner op eigen kracht en/of binnen de eigen sociale omgeving (het gezin, de buurt, het werk, de vereniging). We zetten daarbij in op preventie en op collectieve, algemene voorzieningen dichtbij huis. Alleen waar het echt niet anders kan, wordt tweedelijns hulp ingezet.

Indicatoren 
Aantal indicatoren: 3


Toelichting
Een Wmo-maatwerkvoorziening is ondersteuning afgestemd op de individuele situatie. Voorbeelden daarvan zijn ondersteuning in het huishouden, individuele of groepsbegeleiding (dagbesteding), vervoersdiensten, hulpmiddelen en woningaanpassing. Deze voorziening is alleen toegankelijk na indicatie van de gemeente. In de indicator zijn beschermd wonen en maatschappelijke opvang niet meegenomen, aangezien dit taken van de centrum gemeente zijn.
We streven naar een daling van het gebruik van maatwerkvoorzieningen door het meer beschikbaar stellen van collectief toegankelijke algemene voorzieningen. In 2021 zal, vanwege de coronacrisis, mogelijk sprake zijn van een stabilisering van het percentage inwoners dat gebruik maakt van een Wmo-maatwerkvoorziening. Wij verwachten namelijk dat inwoners waarschijnlijk niet of slechts beperkt starten met nieuwe activiteiten. Daarnaast verwachten wij dat door de coronacrisis meer individuele begeleiding, dan groepsbegeleiding, wordt ingezet. Na 2021 verwachten we een verdere daling. Deze daling zal echter minimaal zijn door het stijgende effect van andere factoren, zoals de invoering van het abonnementstarief en de demografische ontwikkelingen in Enschede



Toelichting
De Wet langdurige zorg (Wlz) regelt zware, intensieve zorg voor kwetsbare ouderen, mensen met een handicap en mensen met een psychische aandoening. Vanuit deze wet kunnen inwoners geïndiceerd worden voor zorg en ondersteuning met verblijf in een zorginstelling (intramurale zorg), waarbij thuis blijven wonen niet (langer) een optie is. Het betreft de groep inwoners van 65 jaar en ouder.
De ontwikkelingen ten aanzien van de overgang naar de Wlz krijgen pas in de loop van 2021 hun weerslag op het aantal cliënten dat gebruik maakt van beschermd wonen. Het is daardoor onduidelijk hoe groot die cliënten stroom is die in de toekomst gebruik gaat maken van de Wlz. Als de nieuwe cliënten populatie bekend is, kan de consequentie voor de streefwaarde worden bepaald. Daarom ambiëren wij voor 2024 geen afwijkende streefwaarde.



Toelichting
Beschermd wonen is wonen in een accommodatie van een instelling met daarbij behorende toezicht en begeleiding, gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de cliënt of anderen. Beschermd wonen is bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving (zoals gedefinieerd in de Wmo). De indicator betreft het totaal aantal unieke cliënten in het gehele centrumgemeentegebied Enschede, bestaande uit: Borne, Dinkelland, Enschede, Haaksbergen, Hengelo, Hof van Twente, Losser en Oldenzaal.
De ontwikkelingen ten aanzien van de overgang van het aantal cliënten dat gebruik maakt van beschermd wonen naar de Wlz krijgen pas in de loop van 2021 hun weerslag op het aantal cliënten dat gebruik maakt van beschermd wonen. Als de nieuwe cliënten populatie bekend is, kan de consequentie voor de streefwaarde worden bepaald. Daarom ambiëren wij voor 2024 geen afwijkende streefwaarde.


Acties 2021
Aantal acties: 7

01. We voeren het plan van aanpak van de transformatie Ondersteuning Huishouden uit.

In de Gemeentebegroting 2020-2023 is besloten tot een innovatie van het systeem voor de Ondersteuning Huishouden (OH). Daarin staat het zelfoplossend vermogen van inwoners meer centraal en blijft waar nodig maatwerk mogelijk. Op basis van de keuze van scenario door de Raad in het najaar 2020 ronden we in 2021 de aanbesteding (indien noodzakelijk als gevolg van keuze) af en starten we met de implementatie van de nieuwe werkwijze.
Dit is een versnellingsopgave in het kader van de Transformatieagenda Sociaal domein.

02. We werken aan collectieve en algemene voorzieningen.

In plaats van individuele maatwerkvoorzieningen werken we aan collectieve en algemene voorzieningen. Daarin kunnen jeugd en volwassenen in de eigen omgeving zo gewoon mogelijk mee doen, zodat ze geen of minder individuele, geïndiceerde zorg nodig hebben. In 2021 ligt daarbij de focus op het monitoren van bestaande voorzieningen en arrangementen. Op basis van de ondersteuningsvraag gaan we gebiedsgericht bestaande voorzieningen verstevigen en waar nodig ontwikkelen we nieuwe arrangementen.
Deze actie draagt ook bij aan subdoel 1.04.

03. We borgen de methodiek van de Maatwerkroute: Toekomstplan.

De laatste fase van de Maatwerkroute: Toekomstplan is het borgen van de doorbraakmethodiek in de werkwijze van de Wijkteams. Deze methodiek richt zich op huishoudens met financiële, sociaal maatschappelijke en gezondheidsproblemen, die elkaar versterken of in stand houden. Met een op maat gemaakt plan worden deze huishoudens op een meer effectieve en efficiëntere manier ondersteund in het herstellen van regie.

04. We voeren de lokale werkagenda Menzis-gemeente Enschede 2020-2024 uit.

In 2020 zijn we met Menzis een nieuwe werkagenda  overeengekomen, met als titel 'Gezond meedoen'.  Missie is: "een betere gezondheid voor zoveel mogelijk inwoners van Enschede met een zo effectief
mogelijke inzet van middelen. Daarvoor zetten de gemeente Enschede en Menzis zich in". We gaan diverse projecten gezamenlijk oppakken, die gericht zijn op vier thema's: inclusieve samenleving, preventie, ouderenzorg en GGZ. 

05. We onderzoeken de mogelijkheden van 'meer wonen - minder zorg'.

Op grond van een inventarisatie van te transformeren vastgoed onderzoeken we de concrete mogelijkheden om een versnelling te geven aan de huisvesting (inclusief begeleiding) van doelgroepen van beleid (op basis van onder andere de monitor Wonen & Zorg, de brede aanpak dak- en thuisloosheid en het Actieprogramma dak- en thuisloze jongeren). We kijken onder andere naar de mogelijkheden van flexwonen en de mogelijkheden van onzelfstandige bewoning door corporaties.
Dit is een versnellingsopgave in het kader van de transformatieagenda sociaal domein.

06. We bereiden de implementatie van de centrumgemeenteregeling beschermd wonen voor.

Met de andere gemeenten die nu nog behoren tot de centrumgemeente Enschede is de visie en aanpak voor beschermd wonen verder uitgewerkt in afspraken over bovenlokale samenwerking. In 2021 zetten we dit om in een centrumgemeenteregeling, met onder andere aandacht voor de bovenlokale toegang tot beschermd wonen, de governance en de financiering van de zorg. Deze regeling treedt per 1 januari 2022 in werking.

07. We voeren een brede integrale aanpak 'tegengaan dakloosheid' uit.

“Een (t)huis, een toekomst- plan van aanpak dak- en thuisloosheid" is een landelijke plan, waarin wordt ingezet in op een brede aanpak van het tegengaan van dak- en thuisloosheid. Dat is breder dan alleen de doorontwikkeling van de maatschappelijke opvang. De nadruk ligt ook op wonen en het voorkomen van dakloosheid. Uitvoering geven aan het plan moet uiteindelijk leiden tot het realiseren van de landelijke gestelde doelstellingen uiterlijk vóór 1 januari 2022 op drie thema’s: 1. preventie, 2. vernieuwing in de opvang en 3. wonen met begeleiding. Dit plan is vertaald naar een regionale aanpak (Enschede is centrumgemeente voor de maatschappelijke opvang), dat we via een integrale samenwerking in 2021 gaan uitvoeren.

.
3. Inwoners zijn financieel zelfstandig

Mensen die financieel zelfstandig zijn, hebben de ruimte om zich te kunnen ontwikkelen en te kunnen meedoen op alle leefdomeinen. De stress van het hebben van een beperkt budget en/of schulden leidt ertoe dat mensen, m.n. met een laag inkomen, minder goed in staat zijn om verstandige keuzes te maken. Daarom streven we ernaar om armoede zoveel mogelijk te voorkomen.

 
3.01 De huishoudens zijn niet afhankelijk van een bijstandsuitkering
Het kunnen voorzien in het eigen levensonderhoud door werk is het beste medicijn tegen vele klachten. Bovendien zijn werkende ouders een belangrijk voorbeeld voor kinderen. Een plek vinden op de arbeidsmarkt is echter niet voor iedereen eenvoudig, daarom ondersteunt de gemeente bij het vinden van geschikt werk. Daarnaast zorgt de gemeente voor een uitkering (Algemene bijstand levensonderhoud) voor inwoners die niet genoeg geld hebben om in hun levensonderhoud te voorzien. Met een bijstandsuitkering kunnen zij de periode overbruggen totdat zij weer betaald werk vinden.

Indicatoren 
Aantal indicatoren: 1


Toelichting
De gemeente verstrekt een bijstandsuitkering aan inwoners van 18 jaar tot de AOW-leeftijd die niet genoeg geld hebben om in hun levensonderhoud te voorzien en ook niet in aanmerking komen voor een andere uitkering. In deze indicator zijn uitkeringen van Bijstand Levensonderhoud, IOAW (Wet inkomensvoorziening oudere werklozen), IOAZ (Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen) en de regeling BBZ (Besluit bijstandsverlening zelfstandigen) opgenomen op huishoudensniveau. De peildatum voor het aantal huishoudens met een uitkering is de laatste dag van het jaar.
We zien dat één van de effecten van de coronacrisis is dat we op dit moment een hoger percentage huishoudens met een bijstandsuitkering hebben dan verwacht. We verwachten daardoor een hoger percentage huishoudens met een bijstandsuitkering. Daarnaast zijn we ook afhankelijk van het Rijksbeleid om de impact van de coronacrisis te beperken. Het is onduidelijk hoe sterk de recessie gaat zijn en welke Rijksmiddelen we krijgen om op deze recessie te kunnen reageren. Door deze onzekere factoren, ambiëren wij voor de toekomst geen afwijkende streefwaarden. Bovenliggend streven blijft dat we uit willen komen met het BUIG budget.


Acties 2021
Aantal acties: 1

01. We werken aan plannen die het beroep op de publieke dienstverlening beperken en vraag en aanbod op de arbeidsmarkt bij elkaar brengen.

De bestaande partners in en rondom het Werkplein houden daarin hun eigen rol.  De (crisis)dienstverlening is breder (van werk naar werk) en intensiever (integrale dienstverlening werkzoekenden) dan de huidige dienstverlening. Het richt zich op mensen die:
- met werkloosheid bedreigd worden of werkloos zijn geworden;
- recente werkervaring hebben;
- een kwetsbare positie hebben op de arbeidsmarkt (onder andere jongeren).
Het gaat met name om situaties waar de overstap maken naar een andere baan lastig is en mogelijk zelfs een stap naar een nieuw beroep nodig maakt.
We kijken met de partners naar externe financiering voor deze corona-(crisis)dienstverlening.

.
3.02 De huishoudens doen zo min mogelijk een beroep op inkomensondersteuning
We streven ernaar dat zoveel mogelijk mensen in hun eigen inkomen kunnen voorzien en niet afhankelijk zijn van gemeentelijke inkomensondersteunende voorzieningen.
Voor hen die dat niet kunnen kent de gemeente Enschede een gedegen aanbod van voorzieningen, waarmee de gevolgen van armoede voor inwoners kunnen worden gedempt. Dit aanbod bestaat uit gemeentelijke minimaregelingen en de ondersteuning van maatschappelijke initiatieven. We blijven o.a. met deze inzet een actief armoedebeleid uitvoeren en baseren ons daarbij op de schaarste-theorie.


Indicatoren 
Aantal indicatoren: 3


Toelichting
Bijzondere bijstand kan door de gemeente worden verstrekt aan inwoners met een laag inkomen (110% van het sociaal minimum) voor onvoorziene en noodzakelijke kosten of kosten door bijzondere of dringende omstandigheden. Bijvoorbeeld kosten voor rechtsbijstand, een kapotte wasmachine of noodzakelijke woninginrichting. Deze indicator toont het percentage huishoudens dat een of meer aanvragen voor bijzondere bijstand toegekend heeft gekregen, met uitzondering van de kosten voor bewindvoering (zie hiervoor indicator 3.3b 'percentage inwoners met bijzondere bijstand voor bewindvoering').
Bij het bepalen van de streefwaarden aan het begin van deze begrotingscyclus van vier jaar hadden we het effect van onze extra inspanning op het verhogen van het bereik van onze inkomensondersteunende voorzieningen (bijvoorbeeld de Individuele Inkomenstoeslag) niet goed ingeschat. We verwachten dat daardoor het percentage huishoudens dat gebruik maakt van Bijzondere Bijstand de komende jaren stijgt naar 4,5%. Het is vooralsnog onduidelijk welk effect de coronacrisis precies heeft op de aanvragen Bijzondere Bijstand, daarom zijn met deze eventuele effecten op dit moment nog geen rekening gehouden.



Toelichting
Voor een toelichting van deze indicator zie indicator 3.02c 'Percentage inwoners tot 120 procent van het sociaal minimum dat betaald verzekerd is via Menzis GV3'.



Toelichting
De gemeente Enschede heeft met Menzis Zorgverzekeraar een collectieve zorgverzekering afgesloten: het Garant Verzorgd (GV) pakket. Alle inwoners met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum kunnen zich voor het collectieve GV1 of GV2 pakket aanmelden. Inwoners die hiervan gebruik maken, betalen een lagere premie en krijgen dan een gratis uitbreiding van het aanvullende verzekeringspakket voor ziektekosten. Daarnaast geeft deze uitbreiding voor bepaalde zorg hogere vergoedingen zonder extra kosten, afhankelijk van het gekozen pakket.
Alle inwoners met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum kunnen zich voor het collectieve GV 3 pakket aanmelden. Bij dit pakket wordt ook het eigen risico van de inwoners verzekerd.
Door de afschaffing van de regeling tegemoetkoming eigen risico zorgverzekering, is inmiddels een deel van de inwoners met het Menzis GV1+2 pakket overgestapt naar het Menzis GV3 pakket. We verwachten dat deze ontwikkeling nu geen effect meer zal hebben en streven naar stabiele cijfers voor de indicatoren 3.02b en 3.02c. Aangezien we nog geen stabiele cijferreeksen hebben gerealiseerd, ambiëren wij voor 2024 geen afwijkende streefwaarden in deze indicatoren en willen we eerst verder onderzoek doen naar de oorzaak van de huidige afname in het aantal inwoners met het Menzis GV1+2 pakket en de huidige toename in het aantal inwoners met een Menzis GV3 pakket.
Het is vooralsnog onduidelijk welk effect de coronacrisis precies heeft op aantal inwoners dat betaald verzekerd is via een Menzis Garant Verzorgd pakket, daarom zijn met deze eventuele effecten op dit moment nog geen rekening gehouden.



Acties 2021
Aantal acties: 1

01. We voeren het beleidskader 'Rondkomen met je inkomen' uit.

In 2020 wordt het beleidskader 'Rondkomen met je inkomen' ter vaststelling voorgelegd aan de Raad. Dit kader richt zich op de beleidsterreinen inkomen, inkomensondersteuning en schulden. Met ons beleid willen we onze inwoners ondersteunen binnen de mogelijkheden die we daartoe hebben. De belangrijkste uitgangspunten daarbij zijn: inzetten op het creëren van zoveel mogelijke financiële rust en stabiliteit bij onze inwoners, met extra aandacht voor kinderen en jongeren.
Deze actie draagt ook bij aan subdoel 3.03.

 

.
3.03 De inwoners met een laag inkomen zitten zo min mogelijk in een schuldhulpverleningstraject
We handelen preventief, voordat iemand in de schulden terechtkomt. Daar waar mensen toch in de schulden zijn gekomen en waar ze die niet kunnen oplossen, ondersteunt de gemeente Enschede deze inwoners. Dit doen we samen met diverse maatschappelijke organisaties (zoals bijvoorbeeld het Diaconaal Platform Enschede, Humanitas thuisadministratie, Alifa) en de Stadsbank Oost-Nederland. Ook de Wijkteams Enschede spelen hierbij een belangrijke rol.

Indicatoren 
Aantal indicatoren: 2


Toelichting
De Stadsbank Oost Nederland voert voor de gemeente Enschede taken in het kader van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening uit. Elke inwoner met problematische schulden kan een beroep doen op de Stadsbank Oost Nederland.
We investeren in vroeg signalering. Daardoor verwachten we dat het percentage inwoners dat gebruik maakt van een schuldhulpverleningstraject eerst toeneemt. Op langere termijn verwachten we juist een daling. Door de coronacrisis verwachten wij dat meer inwoners gebruik gaan maken van een schuldhulpverleningstraject. Dit weten we nog niet zeker. Door deze onzekerheid, ambiëren wij voor de toekomst geen afwijkende streefwaarden.










Toelichting
Als iemand wegens omstandigheden niet goed voor zijn eigen financiën kan zorgen, kan de kantonrechter op verzoek een beschermingsmaatregel nemen. Als zo'n maatregel alleen over het beheer van de financiën gaat, is sprake van bewind. Deze indicator heeft alleen betrekking op inwoners die bijzondere bijstand krijgen voor de kosten voor bewindvoering.
Vanwege de schommelingen in de realisatie van het percentage inwoners met bijzondere bijstand voor bewindvoering, handhaven we het langjarige streefcijfer en streven we naar een stabilisatie in de aantallen. Om dit te realiseren, blijven we over de aanpak in gesprek met de rechter, die bepaalt wie in aanmerking komt voor de bewindvoering. Vanaf 2021 kunnen we de rechtbank middels adviesrecht adviseren om (geen) bewindvoering op te leggen. Door in overleg te blijven met de rechtbank willen wij het percentage inwoners met bijzondere bijstand voor bewindvoering beperken en uitschieters in dit percentage voorkomen.

Acties 2021
Aantal acties: 0

Bijdrage verbonden partij: Stadsbank Oost Nederland

Maatschappelijk rendement:
De Stadsbank Oost Nederland voert voor de gemeentelijke taken in het kader van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) uit. Elke burger met problematische schulden kan een beroep doen op de Stadsbank.

.
4. Inwoners participeren in de samenleving

In een inclusieve samenleving is iedereen naar vermogen zelf verantwoordelijk voor zijn eigen leven en doet naar vermogen mee. Dat kan zijn via betaald werk danwel als vrijwilliger, mantelzorger, actief lid van een vereniging en/of andere non-profit-organisatie in Enschede en dergelijke.

 
4.01 De inwoners werken betaald naar vermogen
Het welbevinden van mensen wordt mede bepaald door het gevoel 'er toe doen'. Het hebben van betaald werk is daar een belangrijke factor bij, ieder naar eigen capaciteiten.
Het aandeel werkende Enschedeërs, de ‘arbeidsmarktparticipatie’, neemt toe en groeit richting het niveau van andere G40 steden.


Indicatoren 
Aantal indicatoren: 1


Toelichting
De netto-arbeidsparticipatie is dat deel van de mensen in de leeftijdsgroep van 15 tot 75 jaar (de potentiële beroepsbevolking) dat daadwerkelijk aan het werk is. Hoe hoger dit percentage, hoe kleiner het deel niet-werkenden wordt. Niet-werkenden zijn aan de ene kant scholieren, studenten, renteniers en aan de andere kant de werkloze beroepsbevolking. Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking.
Het streven blijft om op lange termijn minimaal de waarde van de netto arbeidsparticipatie in het jaar 2015 te behalen. Deze waarde is een ‘gemiddeld’ niveau, zonder economisch hoog- of laagtij. We zien dat de effecten van e coronacrisis sterker zijn dan dat we hadden verwacht en leidt tot een recessie in Nederland. Daardoor houden we vast aan deze streefwaarde in plaats van een hogere streefwaarde te ambiëren.

Acties 2021
Aantal acties: 3

01. We voeren het beleidskader EAA uit aan de hand van het uitvoeringsprogramma 2021.

In 2019 is het Beleidskader 'Enschedese Arbeidsmarkt Aanpak' (EAA) vastgesteld. Jaarlijks vertalen we dit kader in een uitvoeringsprogramma, nu voor 2021.

02. In 2021 vullen we in het kader van de regeling Nieuw Beschut 86 banen in.

Nieuw Beschut is bedoeld voor mensen met een lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking. Mensen die alleen kunnen werken in een 'beschutte' omgeving, onder aangepaste omstandigheden. Zij hebben meer begeleiding en aanpassing van hun werkplek nodig dan van een reguliere werkgever is te verwachten.
Daarnaast bieden we in 2021 de praktijkdiagnose, die bij Nieuw Beschut bij de intake wordt gehanteerd, ook aan andere doelgroepen in de bijstand aan. In de praktijkdiagnose wordt vastgesteld wat mensen kunnen en welke begeleiding nodig is om (weer) te kunnen gaan werken.

03. We dienen een regionale aanvraag in voor ESF+ arbeidsmarkt.

De voorbereidingen voor een nieuwe programmaperiode (2021-2027) van het Europees Sociaal Fonds (ESF+) arbeidsmarkt zijn in volle gang. In deze nieuwe periode is er extra aandacht voor het ondersteunen van zowel werkzoekenden als werkenden met een kwetsbare arbeidsmarktpositie. Het doel is dat beide groepen duurzaam aan het werk blijven, ook als de arbeidsmarkt verandert door bijvoorbeeld digitalisering en robotisering. De gemeente dient als centrumgemeente voor de Arbeidsmarktregio Twente een nieuwe regionale aanvraag in. We geven de aanvraag samen met de sociale partners vorm.

Bijdrage verbonden partij: Stichting Werkgeverstaken Participatiewet Enschede (SWPE)

Maatschappelijk rendement:
De gemeenten hebben met ingang van 1-1-2017 van het Rijk een taakstelling gekregen om beschutte banen in te vullen. Voor het uitvoeren van het werkgeverschap van deze banen is in 2017 de SWPE opgericht om de formele werkgeverstaken uit te voeren. Omdat de CAO WSW niet van toepassing is voor de werknemers die een baan krijgen bij de DCW, hebben Raad en College het arbeidsvoorwaardenpakket voor de “nieuw beschutte banen” vastgesteld. De DCW wordt ingezet als uitvoeringsorganisatie. Er wordt gebruik gemaakt van de infrastructuur gebouw, machines, werkaanbod, maar ook de aanwezige en goed toegeruste personele en loonadministratie en werkbegeleidingscapaciteit.
Eind 2020 wordt meer bekend over de komst van een nieuwe landelijke cao voor de participatiewet. Mogelijk heeft dit ook gevolgen voor de functie van de SWPE.

.
4.02 De inwoners doen actief mee in de samenleving via vrijwilligerswerk, mantelzorg, lidmaatschap verenigingen e.d.
Meedoen in de samenleving kan naast een betaalde baan op diverse manieren. Via vrijwilligerswerk en/of mantelzorg: werk dat onverplicht en onbetaald wordt verricht ten behoeve van anderen of (de kwaliteit van) de samenleving. En/of via een actief lidmaatschap van een vereniging of non-profit-organisatie danwel actief meedoen aan activiteiten die in de stad of eigen wijk worden georganiseerd bij en/of door verenigingen en non-profit-organisaties.

Indicatoren 
Aantal indicatoren: 3


Toelichting
Vrijwilligerswerk is werk dat in georganiseerd verband onbetaald wordt uitgevoerd, bij een sportvereniging, hobbyvereniging, cultuurvereniging, kerkgenootschap of andere religieuze vereniging, natuur- en milieuvereniging, school, wijkraad/activiteiten, buurtcommissie/buurthuis, bewonerscommissie, vakvereniging, ouderenbond, vrouwenvereniging, migrantenorganisatie, politieke partij, jongerenorganisatie, gehandicaptenorganisatie, zorg- of hulpverleningsorganisatie, mantelzorgondersteuning, andere vereniging of club.
Enschede scoort op deze indicator hetzelfde als landelijk en iets hoger dan vergelijkbare gemeenten. Het beleid is gericht op een hogere vrijwillige inzet van de inwoners, daarom streven we naar geleidelijke toename.



Toelichting
Mantelzorg is de zorg voor chronisch zieken, gehandicapten en hulpbehoevenden door naasten: partner, familieleden, vrienden, kennissen en buren. Kenmerkend is de al bestaande persoonlijke band tussen de mantelzorger en zijn of haar naaste. Daarnaast gaat het om een langdurige zorg die onbetaald is en meer is dan in een persoonlijke relatie gebruikelijk is. De mantelzorg kan intensief (16,8% in 2019) of incidenteel (31% in 2019) zijn.
Het beleid is gericht op minder professionele zorg en meer zorg vanuit de samenleving zelf.
We streven naar een verdere groei van het aantal mantelzorgers, met name op incidentele mantelzorg en zorgvrijwilligers om zo de lasten over meer mensen te verdelen. De ontwikkeling in Enschede volgt de landelijke trend en we scoren iets hoger dan vergelijkbare gemeenten.



Toelichting
Deze indicator betreft inwoners die lid zijn van een Enschedese vereniging of organisatie op het gebied van sport, hobby, cultuur, religie, natuur- en milieu, vakbond, jongeren, ouderen, vrouwen, gehandicapten, migranten, wijkraad, buurtcommissie, bewonerscommissie, politiek, zorg- of hulpverlening en dergelijke en actief deelnemen aan de activiteiten van de club.
Er is al jarenlang een stabiele lijn, variërend tussen 59% en 63%, met een kleine uitschieter in 2019 (66%). Dit komt overeen met de landelijke trend. We willen deze lijn handhaven.

Acties 2021
Aantal acties: 4

01. We ontwikkelen het beleid t.a.v. vrijwilligerswerk door.

Dit doen we op basis van de evaluatie van het Actieplan Vrijwilligerswerk die in 2020 is uitgevoerd. We relateren de doorontwikkeling ook aan de ontwikkelingen in het voorliggende veld.

02. We rollen het geactualiseerde actieplan Mantelzorg uit.

Het actieplan, dat dateerde uit 2015, is in 2020 geactualiseerd. In 2021 starten we met de uitvoering ervan. Daarbij werken we samenlevingsgericht.
Hoofddoel is dat mantelzorgers in Enschede hun naasten zo goed mogelijk kunnen ondersteunen en hierbij tijdig mantelzorgondersteuning inzetten om overbelasting te verminderen. We streven daarbij naar:
- herkenbare en vindbare mantelzorgondersteuning;
- betere samenwerking tussen partners die te maken hebben met mantelzorgers;
- uitrol mantelzorgwaardering.

03. We stellen een uitvoeringsprogramma nieuwe Wet Inburgering op.

De nieuwe Wet Inburgering treedt per 1 juli 2021 in werking. De komende periode gaan we volop aan de slag om voor 1 juli 2021 klaar te zijn voor het nieuwe inburgeringsstelsel. We gaan op zowel regionaal als lokaal niveau verder met de invulling van de nieuwe taken. Het Rijk heeft de kaders gesteld voor het uit te voeren beleid en daarmee is er sprake van uitvoeringsregie voor gemeenten. Hiervoor stellen we een uitvoeringsprogramma op.
Onze huidige werkwijze zorgt voor een vloeiende overgang vanuit het actieprogramma Meedoen en Thuisvoelen naar de taken en verantwoordelijkheden die Enschede krijgt bij de nieuwe Wet Inburgering per 1 juli 2021. We zetten onze integrale werkwijze om statushouders te ondersteunen voort tot de nieuwe Wet Inburgering ingaat. met middelen die we hiervoor ontvangen van het Rijk. De komende periode verbeteren we en nemen we de geleerde lessen mee in het uitvoeren van de nieuwe wet.

04. We onderzoeken de mogelijkheden van de Landelijke Voorziening Vreemdelingen (LVV) in Enschede.

We werken op het verzoek van het Ministerie van Justitie & Veiligheid mee aan een deelproject van de landelijke pilot LVV. Een LVV is een voorziening voor de opvang van uitgeprocedeerde asielzoekers. Dit deelproject betreft het gesprek over een eventuele vestiging van een LVV in Enschede, waarmee het ministerie wil werken aan een landelijke dekking van LVV’s.

.

Wettelijk verplichte indicatoren

Op grond van het Besluit begroting en verantwoording zijn onderstaande indicatoren opgenomen. De indicatoren gelden voor iedere gemeente en zijn bedoeld om gemeenten met elkaar te kunnen vergelijken. Dit is mogelijk via www.waarstaatjegemeente.nl.

  Beleidsveld Naam indicator Eenheid Jaar Score Bron
17. 4. Onderwijs Absoluut verzuim Aantal per 1.000 inwoners 5-18 jaar  2018 0,00  DUO/Ingrado
18. 4. Onderwijs Relatief verzuim Aantal per 1.000 inwoners 5-18 jaar  2018 17,00 DUO/Ingrado
19. 4. Onderwijs Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers) % deelnemers aan het VO en MBO onderwijs 2017/ 2018 2,5  DUO/Ingrado
20. 5. Sport, cultuur en recreatie Niet-sporters %  2016 47,7  Gezondheidsmonitor volwassenen en ouderen (GGD, CBS, RIVM)
22. 6. Sociaal domein Jongeren met een delict voor de rechter % 12 t/m 21 jarigen  2018 1,00 Verwey Jonker Instituut – Kinderen in Tel
23. 6. Sociaal domein Kinderen in uitkeringsgezin % kinderen tot 18 jaar  2018 11,00 Verwey Jonker Instituut – Kinderen in Tel
29. 6. Sociaal domein Jongeren met jeugdhulp % van alle jongeren tot 18 jaar 2e half jaar 2019 9,7 CBS
30. 6. Sociaal domein Jongeren met jeugdbescherming % van alle jongeren tot 18 jaar 2e half jaar 2019 1,7 CBS
31. 6. Sociaal domein Jongeren met jeugdreclassering % van alle jongeren van 12 tot 23 jaar 2e half jaar 2019 0,6 CBS
32. 6. Sociaal domein Cliënten met een maatwerkarrangement WMO Aantal per 10.000 inwoners 2e half jaar 2019 980  GMSD

 

Wat mag het kosten?

Om de gestelde doelen te bereiken zijn per doel lasten begroot voor 2021. Deze bedragen worden ingezet voor het realiseren van de acties (onder 'Wat gaan we doen') maar ook voor het realiseren van de reguliere werkzaamheden. Onderstaande grafiek geeft per doel inzicht in de beschikbaar gestelde budgetten.

 

Onderstaande tabel geeft inzicht in de meerjarige ontwikkeling van de lasten, baten en reserve mutaties.

Vitaal en sociaal Bedragen x 1.000 euroBegroting  2020Begroting 2021Raming  2022Raming  2023Raming  2024
Lasten438.660405.570401.320389.207387.549
Baten142.095124.718124.652114.833114.605
Saldo van baten en lasten296.565280.852276.669274.374272.943
Storting reserves11111
Onttrekking reserves3.3591.28524922496
Resultaat293.207279.568276.420274.151272.848

Toelichting

 

De begrote lasten dalen in 2021 ten opzichte van 2020 met 33 miljoen euro. Dat is een enorme daling die vooral veroorzaakt wordt door twee ontwikkelingen:

  • een daling van de lasten bij de centrumtaken Wmo van ruim 13 miljoen euro. Deze daling komt door een uitname uit het Gemeentefonds voor het onderdeel Beschermd wonen. Ongeveer 40% van de GGZ-cliënten met een blijvende behoefte aan intensieve zorg die nu nog een voorziening voor Beschermd wonen hebben, gaan vanaf 2021 over naar de Wet langdurige zorg (Wlz). Deze uitname zal in principe budgettair-neutraal zijn;
  • een daling van de lasten bij het product Algemene bijstand voor levensonderhoud van 12 miljoen euro. Deze daling wordt veroorzaakt door de TOZO-regeling die incidenteel tot extra lasten en baten leidt in 2020 en in 2021 nog niet geraamd zijn. Bekend is dat de regeling gecontinueerd gaat worden, maar het bedrag is nog onzeker voor onze gemeente.

Daarnaast is er een aantal minder grote wijzigingen die tot lagere lasten in 2021 leiden:

  • bij de Algemene bijstand ramen we ondanks een verwachte stijging van ons bestand een sluitend saldo op dit product. We gaan er vanuit dat het rijk het bijstandsbudget (BUIG) gaat verhogen vanwege de stijging van de landelijke bijstandsaantallen met name door de effecten van corona;
  • de lasten gaan omlaag door een jaarlijks lager volume mensen in de Sociale Werkvoorziening en het aflopen van tijdelijke rijksmiddelen ter compensatie van exploitatietekorten door effecten van Corona per saldo 4 miljoen euro;
  • ruim 5 miljoen euro lagere lasten bij Algemene maatschappelijke voorzieningen door wegvallende middelen uit het coalitieakkoord, aflopen tijdelijke rijksmiddelen in 2020 en lagere geraamde uitgaven voor transformatieprojecten in 2021 ten opzichte van 2020;
  • ruim 2 miljoen euro aan lagere lasten bij Arbeidsmarktparticipatie en Onderwijs als gevolg van lagere rijksmiddelen voor arbeidsmarkt en voortijdig schoolverlaten;
  • de lasten bij de Wmo stijgen met name door indexatie en volumestijging in combinatie met effecten van het abonnementstarief met ruim 3 miljoen euro.
  • in aanvulling op het vervallen van de TOZO-regeling het vervallen van specifieke incidentele uitkeringen in verband met corona (o.a. inhaalzorg Jeugd en Wmo, meerkostenregeling centrumtaken)

De baten dalen in 2021 met 17 miljoen euro ten opzichte van 2020. De belangrijkste ontwikkelingen zijn:

  • lagere baten van 12 miljoen euro als gevolg van het wegvallen van de TOZO-regeling;
  • lagere baten door een lager volume bij de Sociale Werkvoorziening van 2 miljoen euro;
  • bij Onderwijs dalen de baten met ruim 1 miljoen euro door een lagere bijdrage van het rijk voor voortijdig schoolverlaten.

 

Meer info Klik hier voor meer informatie over reguliere werkzaamheden en beleidsnota's.
Portefeuillehouders Niels van den Berg, Jurgen van Houdt, Arjan Kampman, June Nods
Concerndirecteur Djoerd de Vos Koelink