01. We werken aan bestaanszekerheid
Iedereen heeft de zekerheid van voldoende en voorspelbaar inkomen en een dak boven het hoofd. Daarbij gaat het ook om de zekerheid van werk, van de ruimte om zich te kunnen ontwikkelen en van mee kunnen doen op alle leefdomeinen in de samenleving, vanuit een stabiele woonsituatie in een veilige en prettige omgeving.
| |
|
01.01 Iedereen heeft de mogelijkheid om in z’n levensonderhoud te voorzien Een groot deel van de inwoners kan inkomen genereren via een baan. Voor de groep die dat niet kan, is er een vangnet gericht op toeleiding naar werk en het (tijdelijk) voorzien in een inkomen. Werk genereert niet alleen inkomen, maar er wordt ook in bepaalde mate een bestaansrecht aan ontleend: er toe doen, van betekenis zijn. Mensen die langere tijd moeten rondkomen van weinig geld of die te maken krijgen met onverwachte tegenvallers lopen kans om schulden op te bouwen. Vroegsignalering en schuldhulpverlening vormen hierbij het vangnet. Rol van de gemeente: op basis van vertrouwen uitvoeren van wettelijke taken om ervoor te zorgen dat inwoners voldoende inkomen hebben (vangnet). Vanuit deze rol hebben we twee speerpunten: a. We willen dat bijstandsgerechtigden stappen zetten in de keten van dagbesteding naar werk: voor het deel dat uitstroomt naar werk is het wenselijk dat dit een langdurige uitstroom is, in plaats van banen voor een korte periode afgewisseld met bijstand. Voor een deel zal de stap naar onbetaald (vrijwilligers)werk het hoogst haalbare zijn. b. We willen dat de mensen die daar recht op hebben gebruik maken van onze voorzieningen in het kader van inkomensondersteuning: We hebben deels de wettelijke taak, maar ook de beleidsruimte om mensen een financieel steuntje in de rug te geven. Met onze inkomensondersteunende instrumenten bieden we meer stabiliteit, zodat inwoners zich kunnen ontwikkelen en kunnen meedoen op alle leefdomeinen.
Indicatoren Aantal indicatoren: 6

Toelichting De gemeente verstrekt een bijstandsuitkering aan inwoners van 18 jaar tot de AOW-leeftijd die niet genoeg geld hebben om in hun levensonderhoud te voorzien en ook niet in aanmerking komen voor een andere uitkering: Bijstand Levensonderhoud, IOAW (oudere werklozen), IOAZ (oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen) en de regeling BBZ (zelfstandigen). In deze grafiek wordt weergegeven hoe het bijstandsbestand in Enschede zich ontwikkelt ten opzichte van eenentwintig gemeenten waarmee wij gegevens uitwisselen. Bij een score boven nul doen wij het in de ontwikkeling beter en bij een score onder nul doen wij het slechter. Bron: SSD (registratiesysteem Werk & Inkomen) en referentiegroep van Nederlandse gemeenten.
Streefwaarde: Wij willen het minimaal net zo goed doen als de eenentwintig gemeenten waarmee wij gegevens uitwisselen. Door het beter te doen kunnen relatief meer inwoners zelfstandig in hun inkomen voorzien en komen we uit met de middelen die we van het Rijk ontvangen voor de uitkeringen.
Toelichting Sociale activering is voor een deel van onze inwoners een goede opstap in de ontwikkeling naar werk. Met deze indicator wordt het percentage huishoudens met bijstand en sociale activering, ten opzichte van het totaal aantal huishoudens met bijstand in beeld gebracht. Bron: SSD (registratiesysteem Werk & Inkomen). Registratie en meting vindt plaats vanaf 2022.
Streefwaarde: Er zijn geen beleidswijzigingen voorzien die zouden leiden tot hogere of lagere resultaten op het gebied van sociale activering. Vooralsnog houden we daarom in 2029 dezelfde streefwaarde aan als voor 2028.
Toelichting Loonkostensubsidie (LKS) is een belangrijke maatregel om bijstandsgerechtigden te ondersteunen bij het vinden van werk. Een deel van de bijstandsgerechtigden is (nog ) niet in staat om het wettelijke minimumloon te verdienen. Door werkgevers te stimuleren met een subsidie op de loonkosten, wordt het aantrekkelijker om bijstandsgerechtigden in dienst te nemen. De LKS draagt zo bij aan het verkleinen van de afstand tot regulier werk en het verminderen van langdurige werkloosheid. In deze grafiek wordt het aantal LKS contracten getoond. Bron: SSD (registratiesysteem Werk & Inkomen).
Streefwaarde: Het huidige beleid om loonkostensubsidie breed in te zetten en te intensiveren blijft van kracht. Gelet op de bestandsopbouw gaan we voor een uitdagende ambitie met een toename van 50 LKS-trajecten per jaar.
Toelichting De groep Beschut bestaat uit werkenden met een lagere loonwaarde (meestal ergens tussen de 20-40% van het minimumloon) die werkzaam zijn in een beschutte werkomgeving. Vaak is de werkplek bij het eigen gemeentelijke sociaal ontwikkelbedrijf DCW, maar indien mogelijk ook bij externe werkgevers. Het UWV geeft de indicatie voor Beschut werk af. Naast werkgever voor Nieuw beschut is de DCW ook werkgever voor WSW en aanbieder van trajecten voor diagnose, re-integratie en inburgering (Z-route). In de grafiek geeft de groene lijn aan hoeveel dienstverbanden Nieuw Beschut van gemiddeld 31 uur per week er gerealiseerd zijn t.o.v. de wettelijke taakstelling (gele lijn). Bron: SSD (registratiesysteem Werk & Inkomen) en personeelsadministratiesysteem DCW.
Streefwaarde: het Rijk heeft een taakstelling voor de realisatie van arbeidsplekken Nieuw Beschut werk opgelegd, waarvoor ook begeleidingsmiddelen en LKS-middelen in het BUIG budget worden ontvangen. Voor de langere periode is dat een indicatie en per jaar wordt aan het einde van het jaar ervoor de exacte taakstelling aangegeven. Het Rijk onderzoekt momenteel de verdeelsystematiek van de taakstelling nieuw beschut. Verwacht wordt dat de nieuwe verdeelsleutel per 2027 ingaat. De streefwaardes 2027-2029 zijn nog gebaseerd op de huidige verdeelsleutel. De gemeenteraad heeft op 3 maart 2025 besloten in 2025 en 2026 extra werkplekken boven de landelijke taakstelling beschut werk beschikbaar te stellen (15 in 2025 en 30 in 2026), deze zijn niet meegenomen in de streefwaarden in deze grafiek, omdat ze los staan van de wettelijke taakstelling. In de realisatie tellen deze werkplekken wel mee.
Toelichting In deze grafiek wordt het percentage van het totaal aantal GarantVerzorgd pakketten, bij Menzis Zorgverzekeraar, ten opzichte van de totale doelgroep met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum in beeld gebracht. Bron: Menzis en CBS.
Streefwaarde: De ambitie blijft voor 2029 vooralsnog hetzelfde als voor 2028. Het beleid voor de collectieve zorgverzekering is met de nota Rondkomen met je inkomen vastgesteld tot en met 2027. Na de evaluatie hiervan stellen we de streefwaarde voor de jaren daarna op.
Toelichting In deze grafiek wordt het bereik van de Individuele inkomenstoeslag (IIT) binnen de doelgroep (mensen die langer dan vijf jaar moeten rondkomen van 100% van het wettelijk sociaal minimum) weergegeven. Bron: SSD (registratiesysteem Werk & Inkomen) en GBTwente.
Streefwaarde: De ambitie blijft voor 2029 vooralsnog hetzelfde als voor 2027. Het beleid voor de IIT is met de nota Rondkomen met je inkomen vastgesteld tot en met 2027. Na de evaluatie hiervan stellen we de streefwaarde voor de jaren daarna op.
| Acties 2026 |
Aantal acties: 4
01. We voeren de Enschedese Arbeidsmarktaanpak (EAA) uit
|
In 2019 is het beleidskader “Enschedese Arbeidsmarkt Aanpak (EAA)” vastgesteld. De hoofddoelen (re-integreren en participeren en daarmee een zelfstandig bestaan kunnen opbouwen) blijven ook voor 2026 onverminderd van kracht. In het jaarlijkse uitvoeringsprogramma EAA zijn deze doelen uitgewerkt in actielijnen, onder andere gericht op jongeren en statushouders, maar ook op digitalisering en de rechtmatigheid van de uitkeringen. Voor 2026 voegen we hieraan (nog nader uit te werken) acties toe die gericht zijn op het verstevigen van het Sociaal Ontwikkelbedrijf (dat bestaat uit verschillende onderdelen van de gemeente Enschede): - het versterken van de werkgeversbenadering, - het leveren van nazorg gericht op de duurzaamheid van plaatsingen, - het faciliteren van ontwikkel- en beschutte werkplekken en de optimalisering van beschut werk. We informeren de raad over de voortgang op de uitvoering van de EAA.
|
|
02. We geven de transformatie naar sociaal werkontwikkelbedrijf verder vorm
|
In het najaar 2025 bespreekt de raad de kadernota “Meerjarig perspectief voor de sociale arbeidsmarktinfrastructuur binnen Enschede”. We zijn voornemens om in 2026 te starten met de uitvoering hiervan. In het najaar van 2025 besluit de Raad over het transitieplan voor de ontwikkeling van de Kwekerij. Naar aanleiding van het besluit wordt uitvoering gegeven aan deze transitie. Het College besluit in het najaar over deelname in de publiek-publieke samenwerking tussen DCW, SWB en de gemeenten Oldenzaal en Losser voor de uitvoering van beschut werk en de ondersteuning van inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt in de gemeenten Oldenzaal en Losser. Deze samenwerking start per 1 januari 2026. We informeren de raad over de voortgang van deze trajecten.
|
|
03. We herzien de bestuursovereenkomst ROZ
|
De bezuiniging van 175.000 euro op de niet-wettelijke taken van het Bijstandsbesluit zelfstandigen (Bbz), startersbegeleiding en impact-ondernemen bij het Regionaal Orgaan Zelfstandigen (ROZ) van de gemeente Hengelo wordt vanaf het jaar 2027 gerealiseerd (dekkingsmaatregel 1 uit de Zomernota 2025). Deze bezuinigingstaak wordt gekoppeld aan de herziening van het financieringsmodel en de bestuursovereenkomst tussen de gemeente Enschede en de gemeente Hengelo. De gesprekken hierover worden gevoerd. Planning is om vanaf 2027 een nieuw financieringsmodel en bestuursovereenkomst met de gemeente Hengelo af te sluiten. De bezuiniging van 175.000 euro is onderdeel van het overleg met de gemeente Hengelo en andere betrokken gemeenten.
|
|
04. We verlagen de aanvulling op de bijstand <21 jaar tot het niveau van de P-wet in balans
|
Op 1 januari 2026 verandert de wet op dit onderdeel. Daarom trekken we per die datum de huidige beleidsregel die recht geeft op een hogere vergoeding in. Alle jongeren die vanaf 1-1-2026 een (nieuwe) uitkering aanvragen, krijgen daardoor de nieuwe lagere landelijke uitkeringsnorm. Daarbij is wettelijk ruimte om (positief en negatief) af te wijken van die norm als dat noodzakelijk is. Voor de jongeren die nu een hogere norm ontvangen gaan we een overgangsperiode hanteren naar de lagere norm. Dit is een uitwerking van dekkingsmaatregel 8 in de Zomernota 2025.
|
|
Bijdrage verbonden partij: Stadsbank Oost Nederland
|
Maatschappelijk rendement: De Stadsbank Oost Nederland (SON) voert de gemeentelijke taken in het kader van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) uit. Elke inwoner met problematische schulden kan een beroep doen op de Stadsbank. De SON is een Gemeenschappelijke Regeling van 21 gemeenten in Twente en de Achterhoek.
|
|
|
|
. |
01.02 Iedereen heeft een dak boven het hoofd Het hebben van een dak boven je hoofd is een essentieel onderdeel voor de bestaanszekerheid. Een groot deel van de inwoners regelt hun woning zelf. Een kleine groep inwoners lukt dit om allerlei persoonlijke problemen op één of meer levensgebieden niet. Bijvoorbeeld door ouderdom, handicap, verslavingsproblematiek, echtscheiding of huiselijk geweld. Ondersteuning is dan nodig, voor het regelen van huisvesting en/of passende zorg en ondersteuning bij het zelfstandig wonen. Van wonen met (tijdelijke) begeleiding of ondersteuning tot beschermd wonen. Rol van de gemeente: we ondersteunen inwoners en partners binnen de taken en mogelijkheden die we als gemeente hebben, in samenwerking met de regiogemeenten daar waar het centrumgemeentetaken betreft. We stimuleren ontwikkelingen en innovaties. We houden toezicht op een correcte uitvoering van taken van onze eigen organisatie en die van partners die we financieren. Vanuit deze rol hebben we twee speerpunten: a. We willen dat er voldoende specifieke passende woonvormen zijn voor de mensen die deze nodig hebben. Streven is ‘meer wonen, minder zorg’ oftewel van op straat verblijven via beschermd wonen en/of wonen met begeleiding komen tot toekomstige zelfstandige huisvesting. b. We willen dat er minder mensen gebruik hoeven te maken van de Maatschappelijke Opvang (MO) en de Vrouwenopvang (VO) en het liefst zo kort mogelijk. We bieden tijdelijk onderdak en begeleiding aan mensen die geen thuis hebben of de thuissituatie hebben (moeten) verlaten en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Mensen die dakloos zijn bieden we onderdak met trajectbegeleiding (MO). Als er sprake is van huiselijk geweld en/of kindermishandeling willen we dat het geweld stopt en dat na ingrijpen de woonsituatie weer zo snel mogelijk genormaliseerd wordt. We zorgen voor een duidelijke toegankelijkheid en afspraken met partners om met name de veiligheid te borgen. Aan kinderen die meekomen met hun ouder(s) wordt specifiek aandacht besteed, zodat zij met zo min mogelijk schade verder kunnen opgroeien (VO). Om dit doel te bereiken, is het van belang voldoende en diverse opvangplekken en een mogelijkheid tot ambulante ondersteuning te hebben.
Indicatoren Aantal indicatoren: 3
Toelichting Beschermd wonen is wonen in een instelling met toezicht en begeleiding. Het is bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen, die niet zelfstandig kunnen leven. De indicator betreft het totaal aantal unieke cliënten met beschermd wonen of die hiervoor op een wachtlijst staan in het gehele centrumgemeentegebied Enschede. Bron: PGaX registratiesysteem CIMOT.
Streefwaarde: Tot en met 2026 verwachten we nog een lichte toename van het aantal mensen dat in de centrumgemeenteregio Enschede beschermd wonen nodig heeft. Vanaf 2027 verwachten we een stabilisatie door de effecten van de beleidsmaatregelen die zijn gericht op de beperking van de instroom en het bevorderen van door- en uitstroom. Er zijn twee belemmerende factoren waarop de gemeente geen invloed heeft: -De steeds krappere woningmarkt die de uitstroom uit beschermd wonen vertraagt; -De strengere indicatiestelling voor de Wet langdurige zorg (WLZ)-GGZ sinds medio 2024 door het CIZ waardoor inwoners die eerder nog een WLZ-indicatie kregen tegenwoordig een beroep doen op beschermd wonen.

Toelichting Maatschappelijke opvang biedt tijdelijk onderdak en begeleiding aan mensen zonder thuis. De begeleiding helpt mensen om weer zelfstandig te kunnen wonen, al dan niet met begeleiding. Met deze indicator wordt de gemiddelde verblijfsduur in maanden in de maatschappelijke opvang in beeld gebracht. Bron: PGAx (registratiesysteem CIMOT).
Streefwaarde: We streven naar een gemiddelde verblijfsduur in de maatschappelijke opvang van maximaal vijf maanden. Dit doen we met de aanpak Transferpunt Twente (uitstroom maatschappelijke opvang voor mensen die in een corporatiewoning kunnen wonen), het realiseren van meerdere passende woonvormen en het wegwerken van de wachtlijst beschermd wonen.
Toelichting Vrouwenopvang biedt tijdelijk onderdak aan vrouwen en mannen met hun kinderen die door huiselijk geweld en/of kindermishandeling niet thuis kunnen blijven. De Vrouwenopvang biedt voor deze groep een veilige omgeving en begeleiding om weer zo snel mogelijk zelfstandig te kunnen wonen. Met deze indicator wordt de gemiddelde duur in de intensieve zorg van de Vrouwenopvang in beeld gebracht. Bron: Managementrapportages Kadera.
Streefwaarde: De oorzaak voor de laatste hoge score was dat twee cliënten, na een (lang) tweejarig verblijf, in 2024 zijn uitgestroomd. Op het totaal van de uitstroom in 2024, 14 vrouwen zijn in totaal uitgestroomd, is de invloed van 2 langdurige verblijven heel groot. Dit was een incidentele situatie. We verwachten derhalve dat de gemiddelde verblijfsduur rond de 210 dagen (7 maanden) zal blijven liggen, net zoals het gemiddelde over de periode 2019 t/m 2023. Een afnemende woningnood kan bijdragen aan het verlagen van de gemiddelde verblijfsduur.
| Acties 2026 |
Aantal acties: 1
01. We stellen de uitvoeringsagenda Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen op
|
In 2025 is de regionale visie Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen herijkt en in het najaar 2025 ter vaststelling voorgelegd aan de acht gemeenteraden binnen de Centrumgemeente Enschede. De speerpunten in deze visie zijn bestaanszekerheid, op tijd erbij zijn, wonen, menselijke maat centraal, normaliseren, begrip en acceptatie en passende ondersteuning. We werken deze visie uit in een meerjarige regionale uitvoeringsagenda. De aanpak van de wachtlijst Beschermd wonen, door uitbreiding van BW-plekken in de centrumregio Enschede en door bevordering van de door- en uitstroom blijft een belangrijk onderdeel van deze agenda. We informeren de raad periodiek over de voortgang op de uitvoering van deze uitvoeringsagenda.
|
|
|
|
. |
|
02. We maken gezond leven makkelijker
Iedereen kan keuzes maken die gezond leven makkelijker maken en leeft in een omgeving die dit bevordert. Dit doel stelt een betekenisvol leven van mensen centraal. De nadruk ligt op de veerkracht, eigen regie en het aanpassingsvermogen van de mens. Het gaat om wie de mens is en niet om zijn/haar beperkingen of ziekte. Om gezonde keuzes te kunnen maken zijn vaardigheden, bereikbaarheid, toegankelijkheid en bewustzijn nodig. Als mensen daar alleen of met hulp van buren, vrienden en familie niet in slagen, kan de overheid ondersteunen (door een basis te leggen om mee te kunnen doen).
| |
02.01 Iedereen heeft toegang tot een stimulerende leefomgeving die uitnodigt tot gezond gedrag Een gezonde leefomgeving is een omgeving die als prettig wordt ervaren. De leefomgeving nodigt uit tot gezond gedrag. Zo nodigt het uit tot ontmoeting, bewegen, spelen en houdt rekening met de behoefte van de bewoners en specifieke bevolkingsgroepen. Dit vraagt om een gevarieerd aanbod van voorzieningen die toegankelijk, beschikbaar en betaalbaar moeten zijn. Hiervoor is een goede basisinfrastructuur en een aantrekkelijke en gevarieerde openbare ruimte nodig, waar de gemeente samen met partners voor zorgt. Rol gemeente: we maken afspraken met partners en stimuleren samenwerking. We zorgen voor een stimulerende omgeving en het onderhoud daarvan, bv. (sport)parken, speelplekken en fietssnelwegen. We organiseren dichtbij inwoners laagdrempelige plekken voor advies, steun en ontmoeting. En we vergroten de vindbaarheid en de mogelijkheid om in eigen leefomgeving zorg en ondersteuning te krijgen. Vanuit deze rol hebben we als speerpunt: a. We willen een stimulerende leefomgeving die uitdaagt tot gezond gedrag. Een gezonde inrichting van de leefomgeving nodigt uit tot gezond gedrag zoals wandelen, fietsen, spelen, ontspannen of elkaar ontmoeten. Een stimulerende omgeving wordt onder andere bepaald door de aanwezigheid van voorzieningen, die aansluiten bij de behoefte van de inwoners. En ook door de bekendheid en vindbaarheid ervan, onbekend maakt immers onbemind. Een gebiedsgerichte aanpak is hierbij noodzakelijk.
Indicatoren Aantal indicatoren: 2 
Toelichting Centraal in een stimulerende leefomgeving die uitdaagt tot gezond gedrag staat het aanbod van gezondheids/zorg-, welzijns-, speel- en sportvoorzieningen in de nabije omgeving. Zijn de inwoners er tevreden mee c.q. nodigt de inrichting van de leefomgeving uit tot gezond gedrag? Bron: Stadspanel Kennispunt Twente en Burgerpeiling - tabel 2.14 (waarstaatjegemeente.nl)
Streefwaarde: we streven naar een score gelijk aan of hoger dan het sterk-stedelijke gemiddelde (gemeenten met 100.000-300.000 inwoners, basisjaar 2021). Vanuit de nota's Gezond Enschede, Onze Jeugd Onze Zorg, Samen Leven Samen Zorgen en Bewegen-Spelen-Sporten en de opdracht sociale basis werken we aan het realiseren van voorzieningen die aansluiten bij de behoeften van de buurt.
Toelichting Naast leefstijl en eetpatroon is bewegen een belangrijke factor voor een ieders gezondheid. Deze indicator betreft de deelname aan sport (vaker dan één keer per week) , ongeacht de organisatievorm. Bron: stadspeiling - Kennispunt Twente.
Streefwaarde: ons streven bij het begin van deze IPC-cyclus (2023-2026) was terug te komen op het niveau van voor de coronapandemie (71%). Dat lijkt te zijn gelukt. Met de ambities in de nieuwe nota Bewegen, spelen, sporten verwachten we verder door te groeien en deze groei vanaf 2029 vast te houden.
| Acties 2026 |
Aantal acties: 3
01. We voeren het beleidskader “Gezond Enschede” uit.
|
In 2024 is het Beleidskader “Gezond Enschede” vastgesteld. Jaarlijks vertalen we dit kader in een uitvoeringsprogramma, nu voor 2026. Belangrijke accenten in 2026 zijn: - een wijkgerichte aanpak; - een impuls geven aan de gewenste ontwikkeling naar meer preventie en gezondheid in plaats van zorg door realisatie van de maatregelen in de strategienota’s “Onze jeugd, onze zorg en “Samen leven, samen zorgen” en ‘Kansengelijkheid’. We informeren de raad via een voortgangsrapportage over de stand van zaken.
|
|
02. We actualiseren de subsidieverordening brede impuls combinatiefuncties
|
De Brede Regeling Combinatiefuncties is een onderdeel van het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Dit akkoord loopt tot en met 2026. Het is nog niet bekend hoe de regeling er na 2026 uit gaat zien, maar duidelijk is wel dat daardoor de huidige subsidieverordening "Brede impuls combinatiefuncties" of moet worden herzien of moet worden vervangen door een nieuwe verordening of vervalt. We komen met een voorstel hierover naar de raad.
|
|
03. We herijken de opdracht aan Sportaal
|
De looptijd van huidige opdracht eindigt eind 2026. In de Zomernota 2025 is als dekkingsmaatregel (15) ‘Prioritering binnen Sportaal’ (500.000 euro per jaar vanaf 2027) opgenomen. In 2026 verstrekken we een nieuwe opdracht op aan Sportaal, waarin we uitwerking geven aan deze dekkingsmaatregel. We informeren de raad over de uitkomst hiervan.
|
|
Bijdrage verbonden partij: SamenTwente
|
Maatschappelijk rendement: SamenTwente is een gemeenschappelijke regeling (GR) van de veertien Twentse gemeenten. Het voert taken uit op het gebied van volksgezondheid, jeugdhulp & maatschappelijke ondersteuning. Het omvat de onderdelen: - Gemeentelijke gezondheidsdienst (GGD): voert taken uit in het kader van de Wet Publieke gezondheid, zoals jeugdgezondheidszorg (consultatiebureau, opvoedondersteuning, rijksvaccinatieprogramma, inspecties kinderopvang), voorkomen en beheersen van infectieziekten, geven van reisadvies en inentingen, voorlichting over gezondheid en verzorgen van medisch spreekuur dak- en thuislozen. - Organisatie voor Zorg en Jeugdhulp Twente (OZJT): regelt de inkoop en het contractmanagement van tweedelijns jeugdhulp en Wmo –maatwerk voor de regio Twente. - Veilig Thuis Twente (VTT): voert de wettelijke taak uit van advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling. Daarnaast zijn drie ‘coalitions of the willing’ ondergebracht bij SamenTwente, te weten: Kennispunt Twente, Twentse Koers en Samen14.
|
|
Bijdrage verbonden partij: Sportaal BV
|
Maatschappelijk rendement: Sportaal heeft de taak om uitvoering te geven aan de ambities uit het vastgestelde sportbeleid, onder andere door te zorgen voor veilige en schone sportaccommodaties en sportstimuleringsactiviteiten te organiseren. Sportaal voert taken uit in het kader van veilig sportklimaat en zet met haar (sport)activiteiten in op een vitale, inclusieve en gezonde samenleving om zo gezondheidsachterstanden te verkleinen. De afspraken met Sportaal zijn vastgelegd in een overeenkomst en een opdracht met indicatoren. De gemeente is tevens enig aandeelhouder van Sportaal BV.
|
|
|
|
. |
02.02 Inwoners kijken naar elkaar om en dragen mede zorg voor elkaars welzijn en bestaan Sociale netwerken zijn onmisbaar voor een gezond en betekenisvol leven. Een sociaal netwerk betekent: oog hebben voor elkaar, elkaar durven vragen en vertrouwen en elkaar willen helpen, oftewel noaberschap. Een sociaal netwerk bestaat uit mede-inwoners en organisaties/instellingen (onze partners). Samen versterken zij de sociale veerkracht. Rol gemeente: we zijn opdrachtgever van onze partners en faciliteren onze partners om hun netwerk te bevorderen en te vergroten. Daarnaast zorgen we ervoor dat voorzieningen in stand gehouden worden en dat we hier met partners aanwezig zijn om laagdrempelig vragen op te vangen. Vanuit deze rol hebben we als speerpunt: a. Wij willen dat onze inwoners sociale steun ervaren. In perioden van zware tegenslag kan een sociaal netwerk ook betekenis hebben als vangnet van waaruit mensen opstaan die (tijdelijk) hulp en ondersteuning bieden. Denk aan familie, vrienden en buren.
Indicatoren Aantal indicatoren: 3
Toelichting Het sociaal vangnet staat voor de mate waarin mensen kunnen terugvallen op vanzelfsprekende verbanden, zoals familierelaties, vrienden/kennissen en relaties in de buurt. Bron: Stadspanel Kennispunt Twente en Burgerpeiling - tabel 5.18 en 5.19 (waarstaatjegemeente.nl)
Streefwaarde: we willen een score gelijk aan het sterk-stedelijke gemiddelde (gemeenten met 100.000-300.000 inwoners). In de nota's Gezond Enschede, Onze Jeugd Onze Zorg, Samen Leven Samen Zorgen en de opdracht sociale basis is het sociaal vangnet een belangrijk instrument, in samenhang met inzet voor anderen (indicator 02.02.1b).
Toelichting Waar het in de vorige grafiek ging om steun krijgen, gaat het in deze grafiek om steun geven. Burenhulprelaties gaan over laagdrempelige en vrijblijvende –alledaagse- activiteiten in vriendschappelijke relaties in de fysieke nabijheid. De motieven om buren te helpen staan vaak los van de buurt als gemeenschap (waaronder verbondenheid van de buurt) en hebben vooral te maken met de persoonlijke relatie die men heeft met de ander, de sociale afstand en het wederzijds vertrouwen. Naastenzorg betreft onbetaalde, niet-alledaagse zorg voor iemand die chronisch ziek, gehandicapt of anders hulpbehoevend is. Deze zorg komt door een persoonlijke band tussen mensen. Bron: Stadspanel Kennispunt Twente en Burgerpeiling - tabel 5.8, 5.12 en 5.13 (waarstaatjegemeente.nl)
Streefwaarde: we streven naar een score gelijk aan of hoger dan het sterk-stedelijk gemiddelde. Voor hulp aan buren zien we dat de score in 2024 onder dat stedelijke gemiddelde ligt. Bij naastenzorg is de toename in 2024 ten opzichte van 2021 beduidend hoger dan sterk stedelijk. Met het ingezette beleid in het Uitvoeringsplan Mantelzorgondersteuning 2025-2026 in Enschede gaan we in 2029 uit van een verdere stijging ten opzichte van 2027-2028.
Toelichting Voor sommige mensen leidt een tekort aan betekenisvolle relaties snel tot gevoelens van eenzaamheid. Eenzaamheid wordt gedefinieerd als het negatief ervaren verschil tussen de gewenste en gerealiseerde relaties. Zowel het aantal sociale contacten als de ervaren kwaliteit van de sociale contacten zijn daarbij bepalend . De indicator richt zich op sociale eenzaamheid: een persoonlijke, subjectieve ervaring waarin iemand betekenisvolle relaties met een bredere groep mensen zoals buren, kennissen of mensen met dezelfde belangstelling mist. Bron: Burgerpeiling - tabel 5.5 (score soms/vaak; waarstaatjegemeente.nl)
Streefwaarde: we willen de eenzaamheidscijfers in Enschede op korte termijn terugbrengen naar die van sterk-stedelijk gemiddelde (gemeenten met 100.000-300.000 inwoners) en de komende jaren zelfs hieronder krijgen. Dit is een ambitieus streven, want de trend laat het tegenovergestelde beeld zien, zowel landelijk als in Enschede stijgt het aantal mensen dat zich eenzaam voelt. Daarom is het ook een speerpunt in ons beleid zoals verwoord in de nota Gezond Enschede. Het streven zoals bepaald bij de begroting 2023 is voor de komende jaren niet haalbaar. Daarom is bij de begroting 2025 bepaald om de streefwaarde per 2028 aan te passen van 15% naar 19%. Deze streefwaarde hanteren we ook in 2029.
| Acties 2026 |
Aantal acties: 3
01. We versterken de sociale basis
|
Een sterke sociale basis is belangrijk voor de leefbaarheid én een randvoorwaarde voor onze ambities bij inclusief Enschede. We investeren structureel in de sociale basis via ontmoetingsplekken, wijkwelzijn en algemene voorzieningen, en geven extra impulsen met de nota's 'Onze Jeugd Onze Zorg', 'Samen Leven Samen Zorgen', 'Gezond Enschede' en 'Bewegen, Spelen, Sporten'. We brengen in beeld waar dit voldoende is en waar extra inzet nodig is: - hoe sterk is de sociale basis nu (nulmeting); - welke voorzieningen hebben we en waar zijn meer of andere voorzieningen nodig; - hoe kunnen we dat slimmer, efficiënter en beter organiseren. De raad ontvangt de inzichten. We informeren de raad periodiek over de voortgang.
|
|
02. We voeren het uitvoeringsplan “Mantelzorgondersteuning in Enschede 2025-2026” uit
|
We nemen mantelzorg in Enschede serieus. We doen veel op dit onderwerp, werken met legio partners samen en hebben een heldere koers die we actief afstemmen op de bewegende behoefte van onze inwoners. In het uitvoeringsplan wordt de problematiek en onze koers op mantelzorgondersteuning geschetst en worden overzichten van onze partnersamenwerking en de bijbehorende financiën gegeven. We informeren de raad over de voortgang van de uitvoering van dit plan.
|
|
03. We werken de wijze van verminderen van de subsidie aan de SES uit
|
In de Zomernota 2025 is als dekkingsmaatregel (6) opgenomen om de subsidie aan de SES vanaf 2027 te verminderen (2027 250.000 euro en 2028 en verder 500.000 euro per jaar). We maken een plan om invulling te geven aan deze opdracht en betrekken de SES daarbij. We informeren de raad over de uitkomst hiervan.
|
|
|
|
. |
|
03. We vergroten de kansengelijkheid
Jeugdigen en volwassenen nemen volwaardig deel aan de samenleving, waardoor ze zelfredzaam, sociaal vaardig en gezond door het leven gaan. Het mag voor de ontwikkeling van inwoners niet uitmaken waar hun wieg heeft gestaan en hoe het leven de inwoner heeft gevormd. Iedereen moet de mogelijkheid hebben het beste en het mooiste uit zichzelf naar boven te halen. Daarbij is het van belang om expliciet oog te hebben voor kansen(on)gelijkheid in onze stad. Gelijke kansen mag dus ook betekenen dat je ongelijke ondersteuning biedt. Want iedereen dezelfde uitgangspositie geven is onmogelijk, dus moet je bijsturen op wat er in de basis is.
| |
03.01 Jeugdigen groeien veilig en stabiel op De basis voor je leven wordt gelegd in je jeugd. Daarom is er specifiek voor deze groep extra aandacht en inzet. We willen dat iedere jeugdige opgroeit in een stabiel gezin; speelt en deelneemt aan maatschappelijke activiteiten. En passende ondersteuning krijgt waar nodig. We zetten in op het versterken van de eigen kracht van de jeugdige en van het zorgend en probleemoplossend vermogen van het gezin en de sociale omgeving. Zo krijgt hij/zij de kans een zelfredzame, sociaal vaardige en gezonde inwoner te worden. Rol gemeente: we ondersteunen kind en gezin om veilig en gezond (kansrijk) op te kunnen groeien. Daarnaast ondersteunen we ouders bij het oplossen van opvoedproblematiek met aandacht voor alle leefdomeinen. Vanuit deze rol hebben we drie speerpunten: a. Wij willen ouders zo vroeg mogelijk ondersteunen bij opvoedproblematiek. Voor het grootste gedeelte van de jeugdigen en hun ouders is voor het gezond opgroeien van de kinderen een positief opgroei- en opvoedklimaat voldoende. Zij redden zich prima, onder andere door gebruik te maken van de basisvoorzieningen in de stad. Een kleinere groep jeugdigen en hun ouders heeft (tijdelijke) ondersteuning nodig in de vorm van een voorziening. Slechts voor een zeer kleine groep jeugdigen en hun ouders is ingrijpen door de overheid nodig. Dit is het geval als ouders er onvoldoende in slagen om hun opvoedverantwoordelijkheid waar te maken en hun kinderen in de ontwikkeling worden bedreigd, of wanneer een jongere een strafbaar feit heeft gepleegd . Streven is: zo licht als mogelijk, zo zwaar als nodig. b. Wij willen dat kinderen ‘zo thuis mogelijk’ opgroeien. Kinderen hebben baat bij een stabiele opvoedsituatie met toekomstperspectief. Echter: niet iedere jeugdige groeit door allerlei oorzaken op in een stabiel en veilig gezin. Sommige kinderen wonen, tijdelijk, in een pleeggezin binnen de familie, bijvoorbeeld bij een tante of bij opa en oma, ook wel netwerkpleegzorg genoemd. Andere kinderen wonen in een pleeggezin buiten de familie. Kinderen kunnen ook geplaatst worden in een gezinshuis of een residentiële instelling. Ook deze kinderen moeten een duurzame plek hebben waar zij ’zo thuis mogelijk’ kunnen opgroeien: een pleeggezin of een gezinshuis. c. Wij willen het bereik van onze voorziening in het kader van kinderarmoede bij de Stichting Leergeld verhogen. Kinderen hebben recht op een toereikende levensstandaard, ook als er thuis weinig te besteden is. Onderzoek wijst uit dat kinderen en jongeren die opgroeien in armoede in hun ontwikkeling worden belemmerd. Nu investeren voorkomt problemen op latere leeftijd. Het helpt ook voorkomen dat kinderen de problemen van hun ouders erven, waardoor armoede overgaat van generatie op generatie. Wij willen dat elk kind ervaart dat hij of zij meedoet en erbij hoort; nú meedoen betekent straks meetellen. Activiteiten als sport, schoolreisjes en muziek horen bij de vorming van ieder kind.
Indicatoren Aantal indicatoren: 5
Toelichting De grafiek laat het percentage van de zware voorzieningen voor Jeugdhulp zien, ten opzichte van het totaal aantal voorzieningen. De grafiek zegt dus niets over de totale inzet van Jeugdhulp. Onder zware voorzieningen voor Jeugdhulp valt het wonen en verblijf, maatregelhulp (jeugdbescherming, jeugdreclassering en jeugdzorg +), landelijk transitiearrangement (LTA) en beschikbaarheidsvoor-zieningen zoals het Coördinatiepunt spoedhulp, crisisbedden en driemilieus-voorzieningen. Bron: Gidso Regie (registratiesysteem Wijkteams).
Streefwaarde: In de strategienota ‘Onze jeugd, onze zorg’ willen we dat kinderen zoveel mogelijk thuis opgroeien. Waar nodig met inzet van ambulante ondersteuning in plaats van verblijfshulp. Voor de langere termijn zetten we in op het bestendigen van een dalende lijn als het gaat om de inzet van zware Jeugdhulp.
Toelichting Jeugdbescherming kan worden ingezet als de kinderrechter jeugdigen onder toezicht stelt wanneer zij opgroeien in een situatie waarin hun welzijn of gezondheid bedreigd wordt. De grafiek laat het percentage van het aantal unieke kinderen en jongeren met een jeugdbeschermingsmaatregel ten opzichte van het totaal aantal cliënten met Jeugdhulp zien. Bron: Gidso Regie (registratiesysteem Wijkteams).
Streefwaarde: Het aantal jeugdbeschermingsmaatregelen is in de periode 2020-2023 gedaald (in 2022 was een stijging vanwege de verandering in het woonplaatsbeginsel). De verwachting is dat de daling zal stabiliseren. Omdat het aantal maatregelen hoger is in vergelijking met de rest van Nederland zien we op de langere termijn ruimte voor verbetering. Ook zullen landelijke besluiten (onder andere inrichten regionaal veiligheidsteam) leiden tot een daling van het aantal maatregelen.
Toelichting Met deze indicator wordt het percentage van het totaal aantal jongeren met pleegzorg of een plaatsing in een gezinshuis afgezet tegen het totaal aantal jongeren met Jeugdhulp wonen & verblijf. Bron: Gidso Regie (registratiesysteem Wijkteams).
Streefwaarde: We houden vast aan de meerjarige streefwaarde van 62%. We vinden het belangrijk dat kinderen en jongeren die niet thuis kunnen wonen toch in een gezin opgroeien. In de strategienota 'Onze jeugd onze zorg' is een maatregel opgenomen waarmee we het netwerk van bestaande pleegzorgouders gaan ondersteunen. Daarmee behouden we de bestaande pleegouders.
Toelichting Huiselijk geweld is geweld door iemand uit de huiselijke kring van het slachtoffer. Het gaat om geweld waarbij iemand afhankelijk is van de ander. Deze indicator omvat alle meldingen van de verschillende vormen van huiselijk geweld. Veilig Thuis Twente (VTT) is actief voor heel Twente. Deze indicator betreft daarom het jaarlijkse aantal meldingen van huiselijk geweld in heel Twente. Bron: registratiesysteem Veilig Thuis Twente.
Streefwaarde: In het licht van de huidige maatschappelijk onrust door geweldsincidenten met dodelijke afloop, willen we signalen juist eerder en beter in beeld hebben. We verwachten dat de effecten hiervan ook zichtbaar zullen worden in het aantal adviesvragen en meldingen bij VTT.
Toelichting In deze grafiek wordt het aantal unieke kinderen dat een verstrekking van de Stichting Leergeld heeft ontvangen weergegeven in een percentage ten opzichte van de totale groep kinderen van 4-18 jaar dat leeft in een gezin dat moet rondkomen met een inkomen onder 120% van het wettelijk sociaal minimum. Bron: CBS en Stichting Leergeld.
Streefwaarde: De ambitie blijft voor 2029 vooralsnog hetzelfde als voor 2027. Het beleid voor Stichting Leergeld is met de nota Rondkomen met je inkomen vastgesteld tot en met 2027. Na de evaluatie hiervan stellen we de streefwaarde voor de jaren daarna op.
| Acties 2026 |
Aantal acties: 1
01. We voeren de nota "Onze jeugd, onze zorg" uit
|
In de nota is de strategie voor duurzame jeugdhulp beschreven. Daarin zijn 47 maatregelen opgenomen om de jeugdhulp toekomstbestendig te maken. Het betreft een meerjarige strategie. In 2026 zijn de speerpunten: - het versterken van de pedagogische basis: start project; - jeugdhulp in verblijf verminderen- geen kind de buurt uit; - behandelduur verkorten; - meer zelf hulp verlenen. We informeren de raad via twee voortgangsrapportages over de stand van zaken. Deze actie is gerelateerd aan BOB-lijn 2 (Zorgkosten en gebruik) en dekkingsmaatregel 10 (‘verhogen opbrengst strategie "Onze Jeugd Onze Zorg" naar maximumscenario’) uit de Zomernota 2025.
|
|
|
|
. |
03.02 Iedereen neemt volwaardig deel aan de samenleving Afkomst, geslacht, milieu, opleiding en inkomen (bij jeugd van ouders), fysieke of verstandelijke beperking, bepalen nog te veel de invulling van talentontwikkeling, opleiding en werk. We maken van gewoon meedoen niet een individueel gevecht, maar een taak die we als samenleving hebben te vervullen. Hierbij letten we op een ondersteunende omgeving, voldoende passende plekken voor onze inwoners om mee te doen al dan niet via een passende plek op de arbeidsmarkt. Rol gemeente: op basis van vertrouwen investeren in mensen door middel van het beschikbaar stellen van voorzieningen. Vanuit deze rol hebben we drie speerpunten: a. Wij willen de maatschappelijke inzet onder onze inwoners vergroten. Participatie, het meedoen en bijdragen aan de maatschappij, vertegenwoordigt voor een persoon allerlei positieve aspecten zoals zingeving, zelfontplooiing, verbondenheid en sociaal contact. Maar participatie heeft in veel gevallen ook expliciete maatschappelijke relevantie en -baten. Bij dit subdoel ligt de focus op betekenisvolle participatie oftewel maatschappelijke inzet. Dit betreft vormen van actieve participatie die van belang zijn voor het individu, én tot doel hebben anderen te helpen of bij te dragen aan de leefomgeving of maatschappij. b. Wij willen dat onze inwoners kunnen deelnemen aan de samenleving zonder dat ze daarbij beperkingen ervaren. Inwoners kunnen uiteenlopende uitdagingen ervaren die een hindernis vormen voor de gewenste mate van eigen kracht, zelfredzaamheid en het volwaardig kunnen deelnemen aan het maatschappelijk leven. Beperkingen kunnen op fysiek, psychisch, taalvaardig en/of financieel gebied zijn. c. We willen dat de inwoners van 70 jaar en ouder in staat zijn thuis te blijven wonen met of zonder ondersteuning. Doel van de Wmo is om mensen zo lang mogelijk zelfstandig te laten wonen en deel te laten nemen aan het dagelijks leven, al dan niet met behulp van voorzieningen uit de Wmo. Dit sluit aan bij de wens van veel ouderen. Het stelt ze in staat om in de eigen vertrouwde omgeving met hun vertrouwde netwerk te blijven. Daarnaast geldt voor veel ouderen dat ze hun lage woonlasten behouden. Er kleven natuurlijk ook nadelen aan langer thuis blijven wonen, de woning moet toekomstbestendig gemaakt worden, sommige ouderen ervaren eenzaamheid en ondersteuning is vaak wenselijk. Het is belangrijk om per individu te blijven kijken naar de afweging tussen de voor- en nadelen.
Indicatoren Aantal indicatoren: 6
Toelichting Deze indicator is een totaalscore van het percentage inwoners dat zich inzet voor buren, buren in een zorgwekkende situatie (eenzaamheid, zelfverwaarlozing of andere probleemsituatie), verenigingsleven, vrijwilligerswerk en/of zorg aan een hulpbehoevende naaste (mantelzorg) in de afgelopen twaalf maanden. Bron: Stadspanel Kennispunt Twente en Waarstaatjegemeente.nl
Streefwaarde: we willen een score gelijk aan of hoger dan het sterk-stedelijke gemiddelde (gemeenten met 100.000-300.000 inwoners), dat rond de 4,0% ligt.
Toelichting Deze indicator is een specificatie van de indicator maatschappelijke inzet. Het betreft inwoners die lid zijn van een Enschedese vereniging of organisatie op het gebied van sport, hobby, cultuur, religie, natuur- en milieu, vakbond, jongeren, ouderen, vrouwen, gehandicapten, migranten, wijkraad, buurtcommissie, bewonerscommissie, politiek, zorg- of hulpverlening en dergelijke en actief deelnemen aan de activiteiten van de club. Bron: stadspanel Kennispunt Twente
Streefwaarde: we willen een score gelijk aan het sterk-stedelijke gemiddelde (gemeentegrootte 100.000-300.000 inwoners). Bij de berekening van de score is in 2024 een iets andere rekenmethode toegepast dan in de jaren ervoor (zie ook Gemeenterekening 2024). Daarom zijn de realisatiecijfers van 2019 tot en met 2023 herberekend. Dit betekent dat we ook de streefwaarden hebben moeten aanpassen aan de nieuwe berekeningsmethodiek.
Toelichting Deze indicator is een specificatie van de indicator maatschappelijke inzet. Vrijwilligerswerk is werk dat in georganiseerd verband onbetaald wordt uitgevoerd, bij een sportvereniging, hobbyvereniging, cultuurvereniging, kerkgenootschap of andere religieuze vereniging, natuur- en milieuvereniging, school, wijkraad/activiteiten, buurtcommissie/buurthuis, bewonerscommissie, vakvereniging, ouderenbond, vrouwenvereniging, migrantenorganisatie, politieke partij, jongerenorganisatie, gehandicaptenorganisatie, zorg- of hulpverleningsorganisatie, mantelzorgondersteuning, andere vereniging of club. We meten hier het vrijwilligerswerk met structureel karakter. Bron: stadspanel Kennispunt Twente
Streefwaarde: we willen terug naar de scores voor 2018 en liefst zien we een geleidelijke toename tot 30%. Daartoe subsidiëren we de ondersteuning van vrijwilligers via MPact en subsidiëren we verenigingen op het gebied van sport, cultuur, natuur & milieu , wijkraden, ouderen, vrouwen, gehandicapten en mantelzorgondersteuning.
Toelichting Deze indicator is een optelsom (schaalscore) van zeven onderdelen: (algemene) lichamelijke gezondheid, fysiek functioneren (bewegen), geestelijke gezondheid, taal & cultuur, financieel, gevoel er niet bij te horen/niet thuis te voelen en anders. Bron: Burgerpeiling - tabel 5.2 en 5.3 (waarstaatjegemeente.nl)
Streefwaarde: we streven naar een score gelijk aan of hoger dan het sterk-stedelijke gemiddelde (gemeenten met 100.000-300.000 inwoners, basisjaar 2021). In 2024 scoorden we op financieel en gevoel er niet bij horen iets minder dan sterk-stedelijk. Op lichamelijke gezondheid, fysiek functioneren, taal & cultuur en anders scoorden we hetzelfde.
Toelichting In deze grafiek wordt het aantal inwoners van Enschede (per 1.000 inwoners) in de eerste helft van een jaar getoond met een Wmo-voorziening, te weten Ondersteuning thuis, Hulp bij het huishouden en Hulpmiddelen en diensten. Bron: Wmo-voorspelmodel (vng.nl) en Dashboard - Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein - Enschede (waarstaatjegemeente.nl).
Streefwaarde: Met de strategienota ‘Samen leven, samen zorgen’ zetten we in op het versterken van de basisvoorzieningen in de wijk. We verwachten dat meer begeleidingsvragen met een collectief aanbod in de wijk of door het zelf hulpverlenen vanuit de wijkteams beantwoord kunnen worden. En dat er vaker een beroep op de eigen kracht en de kracht van het netwerk kan worden gedaan. Het resultaat is dan dat het beroep op de Wmo-maatwerkvoorzieningen wordt beperkt. Er is momenteel een wetswijziging in voorbereiding om de inkomensafhankelijke eigen bijdrage per 2027 of 2028 in te voeren voor alle Wmo-maatwerkvoorzieningen. De verwachting is dat dit helpt om het beroep op Wmo maatwerkvoorzieningen af te vlakken en mogelijk zelfs te laten afnemen. Inwoners met een hoger inkomen gaan dan namelijk een hogere eigen bijdrage betalen. Mogelijk gaan meer inwoners dan bijvoorbeeld de huishoudelijke hulp vaker zelf organiseren.
Toelichting In deze grafiek wordt het percentage zelfstandig wonende inwoners van Enschede van 70 jaar en ouder getoond. Dit wordt gemeten aan de hand van het aantal ouderen met een indicatie voor de Wet langdurige zorg die niet zelfstandig wonen. Bron: CBS, Monitor Sociaal Domein Wmo.
Streefwaarde: In 2024 is het percentage ouderen dat zelfstandig woont iets teruggelopen. Wij verwachten dat dit percentage in de komende jaren weer toeneemt, omdat het Rijk het aantal intramurale plekken in Nederland heeft bevroren. Dit, in combinatie met de vergrijzing, heeft als effect dat het aantal inwoners van 70 jaar en ouder dat zelfstandig woont naar verwachting iets groter wordt. De gemeente Enschede heeft maar heel beperkt invloed op deze indicator.
| Acties 2026 |
Aantal acties: 4
01. We voeren de nota "Samen leven, samen zorgen" uit
|
In de nota is de strategie voor duurzame maatschappelijke ondersteuning beschreven. Er zijn 18 voorstellen opgenomen die bijdragen om de Wmo toekomstbestendig te maken. Het betreft een meerjarige strategie. In 2026 richten we ons onder andere op: - het uitvoeren van pilots om alle lichte hulp via basisvoorzieningen in de wijk te organiseren; - het project ‘Hulp om de hoek’ uit te breiden naar alle stadsdelen; - de wasvoorziening als algemene voorziening te organiseren; - verder te gaan met het uitbreiden van het project ‘Samen indiceren’ over de hele stad. We informeren de raad via twee voortgangsrapportages over de stand van zaken. Deze actie is gerelateerd aan BOB-lijn 2 ('Zorgkosten en gebruik') en dekkingsmaatregel 13 ('Medium variant Samen leven, samen zorgen') uit de Zomernota 2025.
|
|
02. We stellen een beleidsnota basisvaardigheden op
|
Deze nota is een opvolger van het Uitvoeringsprogramma laaggeletterdheid 2021-2025. In de beleidsnota beschrijven we ons beleid ten aanzien van de aanpak basisvaardigheden. Onder basisvaardigheden verstaan we lezen, schrijven, rekenen en digitale vaardigheden. Het beleid is erop gericht om : - te voorkomen dat jongeren onvoldoende geletterd het onderwijs verlaten; - ervoor te zorgen dat volwassenen ook op latere leeftijd nog hun basisvaardigheden kunnen versterken en daarmee volwaardig mee kunnen doen in de maatschappij. Het ‘Twents programma basisvaardigheden 2026’ vormt het vertrekpunt voor de beleidsnota. Daarbij is er in veel gevallen een samenloop met activiteiten uit de nota ‘Kansrijk Enschede 2023-2033’ en het (regionale) project Ikletterop. We komen met een voorstel naar de raad. Deze actie draagt ook bij aan doelen 1.1 en 3.3.
|
|
03. We werken het beleidskader “Migratie & Integratie” uit
|
Begin 2026 leggen we dit beleidskader voor aan de raad ter besluitvorming. Centraal staan de nieuwe Enschedeërs zoals statushouders, asielzoekers, alleenstaande minderjarige vreemdelingen en Oekraïense ontheemden. We verbinden dat wat we al doen en werken domein-overstijgend samen aan de opgaven rondom wonen, onderwijs, werk, samenleven, sociale zekerheid, zorg, voorzieningen en menselijk kapitaal. In 2026 werken we dit kader uit in een actieplan. We informeren de raad over de voortgang.
|
|
04. We voeren de Lokale Inclusie Agenda uit
|
In 2026 leggen we de Lokale Inclusie Agenda (LIA) ter besluitvorming voor aan de raad. Met de LIA leggen we het kader vast voor het gemeentelijke beleid ten aanzien van inclusie, zowel op het gebied van fysieke toegankelijkheid, antidiscriminatie en digitale inclusie. Daarmee geven we ook invulling aan onze wettelijke verplichting vanuit het VN-verdrag Handicap.
|
|
|
|
. |
03.03 Iedereen ontwikkelt zijn talenten (door) We willen dat al onze inwoners hun talenten kunnen blijven doorontwikkelen, van jong tot oud. Hierbij willen we dat het milieu waarin je opgroeit (gezin, school, vereniging, buurt e.d.) geen rol speelt in de hoeveelheid kansen die je geboden krijgt. Daarbij begint het vanaf jonge leeftijd, waarbij er nauw samengewerkt moet worden met scholen. Maar zien we als gemeente ook een belangrijke rol in het klaarstomen voor de arbeidsmarkt voor al onze inwoners. Rol gemeente: onze rol begint bij onze jeugd en jongeren. Hierbij sturen we op vroegtijdige preventie. Daarnaast sturen we op schoolgang en handhaven daar op. We zorgen dat er hulp komt voor jongeren met psychische problemen om toch door te kunnen met school en opleiding. We financieren het onderwijs om een breder aanbod te doen en het maatschappelijk middenveld om veel jongeren te bereiken. Verder willen we dat ook als je ouder bent of nieuw bent in Nederland je kansen hebt om je verder door te ontwikkelen. We stimuleren een leven lang onderwijs. Vanuit deze rol hebben we als speerpunt: a. Wij willen dat onze inwoners een startkwalificatie hebben. Een schooldiploma vergroot de kans op participatie via betaald werk. Voor een startkwalificatie voor de arbeidsmarkt is een opleiding mbo2, havo-, vwo-, of hoger vereist. De inzet van de gemeente is om te voorkomen dat jongeren afhaken en om hen alsnog een diploma te laten behalen. Daarnaast ben je nooit te oud om te leren en zetten we in op een leven lang leren.
Indicatoren Aantal indicatoren: 1
Toelichting Het hebben van een startkwalificatie (een diploma mbo2, havo-, vwo-, of hoger) is enorm belangrijk om een zelfstandig leven op te bouwen en te leiden. Zonder startkwalificatie is de kans zes keer zo groot op maatschappelijke uitval. Als je geen startkwalificatie haalt, is de kans één op drie dat je een participatiewet-uitkering nodig hebt. Daarom willen wij dat zoveel mogelijk inwoners een startkwalificatie hebben. Bron: CBS-EBB
Streefwaarde: we willen de Europese doelstelling van 80% halen, vanaf 2026. Onze inzet is vooral gericht op jongeren tot 27 jaar. Samen met het onderwijs en andere (zorg-) partners proberen we te voorkomen dat jongeren afhaken op school. Als dat wel gebeurt, gaan we met de jongeren aan de slag om alsnog een terugkeer naar school mogelijk te maken. Voor jongeren waar verder studeren echt geen optie is, zorgen we voor goede begeleiding naar en ondersteuning op de arbeidsmarkt (onder andere via Twentse Belofte). In 2023 heeft het CBS de cijfers vanaf 2014 herberekend, waardoor de scores tot en met 2020 een paar procentpunten hoger uitvielen, dit is aangepast in de realisatie, niet in de streefwaarden.
| Acties 2026 |
Aantal acties: 2
01. We voeren de nota Kansrijk Enschede 2023-2033 uit
|
In de nota staan gelijkere kansen voor kinderen en jongeren tot 27 jaar centraal. De nota geeft richting en nieuwe kansen om het bestaande fundament voor kansengelijkheid te versterken, uit te breiden en te vernieuwen. In 2026 zetten we in op: - het optimaliseren van de inzet van de derde pedagogisch medewerker op de groep; - het in kaart brengen van de Gemeentelijke Gezinsaanpak Geletterdheid. We informeren de raad via een voortgangsrapportage over de stand van zaken.
|
|
02. We herijken de subsidieverordening Onderwijs- en ontwikkelkansen jongeren 0-27 jaar 2024
|
De subsidieregeling heeft als doel het verbeteren van de kwaliteit van onderwijs en kinderopvang in Enschede, het voorkomen van taal- en ontwikkelachterstanden voor kinderen, activiteiten in het kader van de Lokale Educatieve Agenda en activiteiten in het kader van het voorkomen en bestrijden van voortijdig schoolverlaten in de leeftijd van 0 tot 27 jaar. Tegen het licht van een aantal regelingen en aanpakken die zijn gewijzigd moet de verordening hierop worden aangepast. We komen met een voorstel naar de raad. Het herijken van de verordening loopt parallel met het gezamenlijk met onze (onderwijs)partners opstellen van een nieuwe Lokale Educatieve Agenda. We informeren de raad hierover.
|
|
|
|
. |
|